In deze zaak heeft de kinderrechter op 28 oktober 2025 besloten tot verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige bij zijn grootouders voor de duur van drie maanden. De minderjarige verblijft sinds zijn derde levensjaar bij zijn grootouders vanwege de depressieve klachten van de moeder, wat heeft geleid tot een hechtingsbreuk tussen hen. De minderjarige is recent verhuisd met zijn grootouders en is positief ontwikkeld op zijn nieuwe school, hoewel angstklachten blijven bestaan.
De gecertificeerde instelling verzocht om verlenging van de machtiging en motiveerde dit met het belang van continuïteit in de verzorging en opvoeding, het behoud van stabiliteit en het onderzoek naar het opvoedperspectief. De moeder erkent het belang van emotionele toestemming aan de minderjarige om bij de grootouders te blijven, wat kan bijdragen aan een betere relatie en meer ruimte voor omgang.
De kinderrechter overweegt dat de verlenging noodzakelijk is voor het welzijn van de minderjarige, die zich positief ontwikkelt bij de grootouders en nog steeds ondersteuning nodig heeft van een psycholoog. De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat deze direct geldt, ook bij hoger beroep. Tegen deze beschikking is hoger beroep mogelijk binnen drie maanden na uitspraak of betekening.