ECLI:NL:RBDHA:2025:22705
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang bij jeugdhulp pgb-besluiten
Eiseres heeft namens haar minderjarige dochter jeugdhulp aangevraagd en een persoonsgebonden budget (pgb) toegekend gekregen voor verschillende periodes in 2024. Het college van burgemeester en wethouders van Leidschendam-Voorburg heeft bezwaar tegen enkele besluiten niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang en bezwaar tegen andere besluiten ongegrond verklaard. Eiseres stelde beroep in tegen deze beslissingen.
De rechtbank oordeelt dat het beroep tegen het eerste bestreden besluit niet-ontvankelijk is omdat het betrekking heeft op een afgesloten periode (1 maart 2024 tot 31 mei 2024) en eiseres geen schade heeft aangetoond noch aannemelijk heeft gemaakt dat een inhoudelijk oordeel van belang is voor de toekomst. Ook het beroep tegen het tweede bestreden besluit is niet-ontvankelijk omdat het eveneens ziet op een afgesloten periode (1 juni 2024 tot 28 juni 2024) zonder aantoonbare schade of toekomstig belang.
Eiseres heeft weliswaar gesteld dat zij zorg uit eigen middelen heeft betaald, maar heeft dit niet onderbouwd met financiële stukken. Het college heeft na de bestreden besluiten opnieuw een pgb toegekend voor een latere periode, waardoor het belang van het beroep verder ontbreekt. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en laat de bestreden besluiten in stand. Eiseres krijgt geen griffierecht terug en geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang, waardoor de bestreden besluiten in stand blijven.