ECLI:NL:RBDHA:2025:22925
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Asielaanvraag van een lesbische vrouw uit Oeganda met tegenstrijdige verklaringen
In deze zaak heeft eiseres, een lesbische vrouw van Oegandese nationaliteit, op 20 januari 2025 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel. De minister van Asiel en Migratie heeft deze aanvraag op 10 februari 2025 afgewezen als kennelijk ongegrond. Eiseres heeft beroep ingesteld en verzocht om een voorlopige voorziening om uitzetting te verbieden totdat op het beroep is beslist. De zitting was oorspronkelijk gepland voor 1 mei 2025, maar werd uitgesteld wegens het ontbreken van een tolk. Uiteindelijk vond de zitting plaats op 3 september 2025, waarbij eiseres en haar gemachtigde aanwezig waren, evenals de gemachtigde van de verweerder en een tolk in het Engels.
Eiseres heeft haar asielaanvraag onderbouwd met verschillende documenten, waaronder een brief van de politie en verklaringen van organisaties die zich inzetten voor LHBTI-rechten. De rechtbank heeft de geloofwaardigheid van haar verklaringen beoordeeld en geconcludeerd dat de identiteit en nationaliteit van eiseres geloofwaardig zijn, maar dat de seksuele geaardheid en de daaruit voortvloeiende problemen ongeloofwaardig zijn. De rechtbank heeft vastgesteld dat eiseres voldoende gelegenheid heeft gehad om haar relaas te onderbouwen en dat de tegenstrijdigheden in haar verklaringen niet aan haar kunnen worden tegengeworpen. Uiteindelijk heeft de rechtbank het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen, omdat er geen aanleiding was om het bestreden besluit te vernietigen.