Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], V-nummer: [V-nummer], eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser diende op 18 juli 2025 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 16 augustus 2024. De rechtbank beoordeelde de ontvankelijkheid van het beroep op grond van de Algemene wet bestuursrecht.
De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou oorspronkelijk op 16 februari 2025 eindigen, maar vanwege het besluitmoratorium voor Syrische asielzoekers, dat liep van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025, werd deze termijn opgeschort en hervatte op 14 juni 2025, waardoor de termijn eindigde op 16 augustus 2025.
Eiser stelde de minister op 2 juli 2025 in gebreke, maar dit was nog vóór het einde van de beslistermijn, waardoor de ingebrekestelling prematuur was. Hierdoor voldeed het beroep niet aan de vereisten van artikel 6:12 Awb Pro en werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard.
De rechtbank zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en deed de uitspraak buiten zitting. De beslissing is genomen door rechter E.F. Bethlehem op 2 december 2025.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.