ECLI:NL:RBDHA:2025:23099
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens te vroege ingebrekestelling bij asielaanvraag Syrië
Eiseres, afkomstig uit Syrië, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op 10 juli 2024. De minister moest uiterlijk binnen zes maanden beslissen, waarbij een besluitmoratorium voor Syrië gold dat de beslistermijn met een jaar verlengde tot maximaal 21 maanden.
Eiseres stelde de minister op 17 juli 2025 schriftelijk in gebreke om alsnog binnen twee weken te beslissen. De rechtbank oordeelde dat deze ingebrekestelling te vroeg was, omdat de minister op dat moment nog binnen de beslistermijn kon beslissen. Hierdoor is het beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard.
De rechtbank zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en ging niet in op de vraag of een bestuurlijke dwangsom was verbeurd. De uitspraak werd gedaan door rechter R.J.A. Schaaf en griffier J.B. Thépass op 29 oktober 2025.
Uitkomst: Het beroep van eiseres is niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroege ingebrekestelling.