Eiser, een Nigeriaanse man die zich als biseksueel presenteert, diende op 26 oktober 2024 een asielaanvraag in. Hij stelt in 2014 Nigeria te zijn ontvlucht na mishandeling en de dood van zijn partner vanwege zijn seksuele gerichtheid. De minister wees de aanvraag op 11 juli 2025 af wegens onvoldoende geloofwaardigheid van de seksuele gerichtheid en legde een terugkeerbesluit met onmiddellijke vertrekverplichting en een inreisverbod op.
Eiser voerde aan dat hij door zijn lage opleidingsniveau en trauma's niet in staat was zijn situatie volledig te verklaren en dat het nader gehoor onzorgvuldig was. De rechtbank oordeelde dat de minister voldoende rekening had gehouden met het referentiekader en de medische situatie van eiser. De verklaringen van eiser werden als summier, oppervlakkig en onvoldoende onderbouwd beoordeeld, waardoor zijn seksuele gerichtheid niet aannemelijk werd gemaakt.
Daarnaast vond de rechtbank het terugkeerbesluit en het inreisverbod terecht opgelegd, gelet op het risico op onderduiken dat was gebaseerd op het ontbreken van reisdocumenten, geen vaste verblijfplaats en onvoldoende middelen van bestaan. Het beroep werd ongegrond verklaard en eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.