Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
de Minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: R.A. Mandersloot).
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Dat weet ik niet. Omdat ze mij willen vermoorden misschien, om een signaal aan mij te geven. Dat is gewoon de manier waarop zij mensen bedreigen”(nader gehoor, p.16). De minister heeft deze verklaringen vaag en summier mogen vinden. Ook heeft de minister de verklaringen van eiser over de mannen die bij hem thuis zijn langsgekomen vaag en tegenstrijdig mogen vinden. Eiser heeft tijdens het nader gehoor eerst verklaard dat deze mannen van Hezbollah waren (pagina 11). Later heeft eiser geantwoord op de vraag wie de mannen waren die bij hem thuis langskwamen dat hij het niet weet, omdat zij dat niet vertellen (pagina 19). Voor het vermoeden dat de mannen van Hezbollah waren, heeft eiser geen concrete aanwijzingen. Toen eiser is gevraagd wie hij denkt dat de mannen zijn, heeft hij namelijk geantwoord: “
Er is niemand anders dan de Hezbollah. Hun uiterlijk wijst daarop” , en: “
Ik heb het zelf niet gezien, maar mijn vrouw vertelde dat ze stevig waren, met baard en jong” (nader gehoor, pagina 19). Verder heeft de minister voldoende gemotiveerd dat eiser wisselend heeft verklaard over de periode dat hij ondergedoken heeft gezeten. Eiser heeft namelijk tijdens het nader gehoor eerst verklaard dat hij in het geheim terug ging naar zijn huis in [plaats 2] in de periode dat hij ondergedoken dat in [plaats 1] (nader gehoor, p.11). Later tijdens het nader gehoor heeft eiser verklaard dat dat hij niet terug ging naar zijn huis in [plaats 2] (p. 18). Toen eiser is geconfronteerd met deze tegenstrijdigheid, heeft hij geantwoord dat hij lang niet naar huis is geweest, maar naar een tijdje wel in het geheim. De minister heeft daarom mogen concluderen dat eiser tegenstrijdig heeft verklaard.