AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Toewijzing voorlopige voorziening voor wijziging arbeidsmarktaantekening verblijfssticker
Verzoekster maakte bezwaar tegen de afgegeven verblijfssticker met de arbeidsmarktaantekening ‘Arbeid wel toegestaan, tewerkstellingsvergunning wel vereist’. Zij verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening die verweerder opdraagt een sticker af te geven met de tekst ‘Arbeid als zelfstandige toegestaan, arbeid in loondienst alleen toegestaan met tewerkstellingsvergunning’. Verweerder verzette zich niet tegen het verzoek.
De voorzieningenrechter oordeelde dat op grond van artikel 8:81 AwbPro onverwijlde spoed aanwezig was en dat toewijzing passend was. De voorlopige voorziening werd zonder zitting toegewezen, waarbij verweerder werd opgedragen de gewenste sticker af te geven zolang het bezwaar loopt.
Daarnaast werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van verzoekster, vastgesteld op €907,- volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en verweerder wordt opgedragen een aangepaste verblijfssticker af te geven.
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Rotterdam
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.58127
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
Verzoekster heeft op 26 november 2025 bezwaar gemaakt tegen de feitelijke handeling van verweerder waarbij aan haar een verblijfssticker is afgegeven met de arbeidsmarktaantekening ‘Arbeid wel toegestaan, tewerkstellingsvergunning wel vereist’.
Zij heeft daarnaast de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen die ertoe strekt dat verweerder wordt opgedragen om aan haar een verblijfssticker met de arbeidsmarktaantekening ‘Arbeid als zelfstandige toegestaan, arbeid in loondienst alleen toegestaan met tewerkstellingsvergunning’ af te geven.
Verweerder heeft op 3 december 2025 per brief laten weten dat hij zich niet verzet tegen toewijzing van het verzoek.
Omdat het verzoek kennelijk gegrond is, doet de voorzieningenrechter uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 vanPro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
1. Als voorafgaand aan een mogelijk beroep bij de rechtbank tegen een besluit bezwaar is gemaakt, kan de voorzieningenrechter van de rechtbank die bevoegd kan worden in de hoofdzaak op verzoek een voorlopige voorziening treffen als onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist (artikel 8:81, eerste lid, van de Awb).
2. Verweerder heeft laten weten dat hij zich niet verzet tegen toewijzing van het verzoek om een voorlopige voorziening.
3. Gelet op het voorgaande wijst de voorzieningenrechter het verzoek toe. Dat betekent dat verweerder aan verzoeker de verblijfssticker ‘Arbeid als zelfstandige toegestaan, arbeid in loondienst alleen toegestaan met tewerkstellingsvergunning’ dient af te geven hangende het bezwaar tegen de afgegeven arbeidsmarktaantekening.
4. Omdat het verzoek wordt toegewezen, moet verweerder het griffierecht aan verzoekster vergoeden.
5. De voorzieningenrechter veroordeelt verweerder in de door verzoekster gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 907,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor 1).
Beslissing
De voorzieningenrechter:
wijst het verzoek toe;
draagt verweerder op aan verzoekster een verblijfssticker af te geven met de arbeidsmarktaantekening ‘Arbeid als zelfstandige toegestaan, arbeid in loondienst alleen toegestaan met tewerkstellingsvergunning’;
bepaalt dat verweerder het griffierecht van € 194,- aan verzoekster moet vergoeden;
veroordeelt verweerder tot betaling van € 907,- aan proceskosten aan verzoekster.
Deze uitspraak is gedaan door mr. E.C. Harting, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. J.B.C. Hoeksel, griffier.
Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.