ECLI:NL:RBDHA:2025:23642
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.A.J. Schaaf
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek proceskostenvergoeding na niet-tijdige beslissing minister
Verzoeker diende een beroep in tegen het niet tijdig beslissen door de minister op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning. Op 26 mei 2025 nam de minister alsnog een besluit, waarna verzoeker het beroep introk en proceskostenvergoeding vorderde.
De rechtbank oordeelt dat de minister tegemoet is gekomen aan het beroep door alsnog een besluit te nemen. Op grond van de Awb en het Besluit Proceskosten bestuursrecht kan de rechtbank de minister veroordelen tot vergoeding van proceskosten wanneer het beroep wordt ingetrokken vanwege tegemoetkoming.
Gezien het lichte gewicht van de zaak en het inschakelen van een professionele juridische hulpverlener, stelt de rechtbank de vergoeding vast op €453,50, inclusief griffierecht. Het verzoek wordt als kennelijk gegrond toegewezen en de minister wordt veroordeeld tot betaling van dit bedrag.
Uitkomst: De minister wordt veroordeeld tot betaling van €453,50 aan proceskosten wegens niet-tijdige beslissing.