Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
de minister van Buitenlandse Zaken, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Ghanese nationaliteit dragende persoon, verzocht om een faciliterend visum op grond van Richtlijn 2004/38/EG om bij zijn vader, een Italiaans staatsburger woonachtig in Nederland, te verblijven. Verweerder wees de aanvraag aanvankelijk af vanwege onvoldoende bewijs van het doel en de omstandigheden van het verblijf. In bezwaar werd het bezwaar kennelijk ongegrond verklaard met als nieuwe grond dat de familierechtelijke relatie niet was aangetoond, gebaseerd op documentenonderzoek in een parallelle procedure.
Eiser voerde aan dat hij ten onrechte niet is gehoord over deze nieuwe afwijzingsgrond en dat verweerder het verbod op reformatio in peius heeft geschonden door zwaardere gronden aan te voeren in bezwaar. De rechtbank oordeelde dat verweerder had moeten horen omdat de nieuwe afwijzingsgrond niet vooraf aan eiser was medegedeeld en eiser expliciet om een hoorzitting had verzocht om de late geboorteregistratie toe te lichten.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met de artikelen 3:2 en 7:2 van de Awb en bepaalde dat verweerder het bezwaar opnieuw moet beoordelen na het horen van eiser en eventueel referent. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen het bezwaar opnieuw te behandelen na het horen van eiser.