ECLI:NL:RBDHA:2025:23789
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek wegens ongeloofwaardige seksuele geaardheid in Pakistan
Eiser, een Pakistaanse man met een aantrekking tot transgenders, vroeg asiel aan vanwege vrezen voor vervolging door zijn familie en samenleving. De minister wees het verzoek af, omdat de verklaringen over zijn seksuele geaardheid niet ondersteund werden door objectieve stukken en onvoldoende aannemelijk waren.
De rechtbank oordeelde dat de minister terecht rekening hield met de culturele achtergrond van eiser, maar dat diens relaas te algemeen en oppervlakkig bleef ondanks herhaald doorvragen. Het ontbreken van kennis over LHBTI-organisaties in Pakistan werd niet overtuigend verklaard en ondermijnde de geloofwaardigheid.
Het verzoek om de zienswijze als integraal onderdeel van het beroep te beschouwen werd niet nader onderbouwd en leidde niet tot een ander oordeel. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het asielverzoek definitief af.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het asielverzoek wordt ongegrond verklaard wegens ongeloofwaardige verklaring over seksuele geaardheid.