ECLI:NL:RBDHA:2025:23841

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
12 november 2025
Publicatiedatum
13 december 2025
Zaaknummer
C/09/692350 / FA RK 25-7365
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 10:56 BWArt. 4 lid 3 Wetboek van Burgerlijke RechtsvorderingArt. 4 Haags Huwelijksvermogensverdrag 1978Art. 7 Haags Huwelijksvermogensverdrag 1978
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing echtscheiding, huurrecht en verdeling inboedel bij scheiding

De rechtbank Den Haag behandelde het verzoek van de vrouw tot echtscheiding, toedeling van het huurrecht van de echtelijke woning en verdeling van de huwelijksgemeenschap. Partijen zijn gehuwd sinds 2001 en hebben beiden de Nederlandse nationaliteit. De vrouw stelde dat het huwelijk duurzaam is ontwricht, hetgeen niet werd betwist door de man.

De rechtbank oordeelde dat zij rechtsmacht heeft op grond van het Nederlandse recht, aangezien partijen hun gewone verblijfplaats in Nederland hebben en de woning zich in Nederland bevindt. De echtscheiding werd toegewezen op grond van artikel 10:56 BW Pro. Het verzoek tot toedeling van het huurrecht werd eveneens toegewezen, evenals het verzoek tot verdeling van de huwelijksgemeenschap waarbij de inboedel aan de vrouw werd toegekend zonder nadere verrekening.

De man had via een instemmingsverklaring zijn instemming met de verzoeken gegeven en geen bezwaar tegen een beslissing zonder mondelinge behandeling. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard, met uitzondering van het uitspreken van de echtscheiding. De uitspraak werd gedaan door rechter A.S. Perniciaro op 12 november 2025.

Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot echtscheiding, toedeling van het huurrecht en verdeling van de inboedel toe.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige Kamer
Rekestnummer: FA RK 25-7365
Zaaknummer: C/09/692350
Datum beschikking: 12 november 2025

Scheiding

Beschikking op het op 1 oktober 2025 ingekomen verzoek van:

[de vrouw] ,

de vrouw,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. G. Koyak te ‘s-Gravenhage.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de man] ,

de man,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres.

Procedure

De rechtbank heeft kennis genomen van de stukken waaronder:
  • het verzoekschrift;
  • het F9-formulier van 2 oktober 2025 van de zijde van de vrouw, met als bijlage de huwelijksakte;
  • het F9-formulier van 10 oktober 2025 van de zijde vrouw, met als bijlage het betekeningsexploot;
  • het F6-formulier van 17 oktober 2025 van de zijde van de vrouw, met als bijlage de door de man ondertekende instemmingsverklaring.

Feiten

  • Partijen zijn met elkaar gehuwd op [datum] 2001 te [plaats 1] ( [land] ).
  • Blijkens de Basisregistratie Personen hebben de man en de vrouw in ieder geval beiden de Nederlandse nationaliteit.

Verzoek

Het verzoek van de vrouw strekt tot echtscheiding met nevenvoorzieningen tot:
  • toedeling aan de vrouw van het huurrecht van de echtelijke woning;
  • vaststelling van de verdeling van de huwelijksgemeenschap, in die zin dat de inboedel van de woning aan de vrouw wordt toegekend;
voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.
De man heeft via een instemmingsverklaring ingestemd met de verzoeken van de vrouw en hij heeft aangegeven dat hij er geen bezwaar tegen heeft dat de rechtbank zonder mondelinge behandeling beslist op de verzoeken van de vrouw.

Beoordeling

Echtscheiding
Rechtsmacht en toepasselijk recht
Omdat de echtgenoten hun gewone verblijfplaats in Nederland hebben, komt de Nederlandse rechter rechtsmacht toe om te oordelen over het verzoek tot echtscheiding.
Op grond van artikel 10:56 van Pro het Burgerlijk Wetboek is Nederlands recht op het verzoek tot echtscheiding van toepassing.
Inhoudelijke beoordeling.
De vrouw heeft gesteld dat het huwelijk duurzaam is ontwricht. De man heeft dit niet betwist, zodat het verzoek tot echtscheiding als op de wet gegrond kan worden toegewezen.
Huurrecht
Rechtsmacht en toepasselijk recht
De woning is in Nederland gelegen. Gelet op artikel 4, lid 3, aanhef en sub a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering komt de Nederlandse rechter rechtsmacht toe om te oordelen over het verzoek ter zake van het huurrecht van deze woning.
De rechtbank zal op dit verzoek Nederlands recht als haar interne recht toepassen.
Inhoudelijke beoordeling
De rechtbank zal het verzoek van de vrouw als niet weersproken en op de wet gegrond toewijzen.
Verdeling
Rechtsmacht en toepasselijk recht
Omdat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft met betrekking tot het echtscheidingsverzoek, heeft hij ook rechtsmacht met betrekking tot het verzoek over de afwikkeling van het huwelijksvermogen.
Het huwelijksvermogensregime van partijen wordt op grond van artikel 4 en Pro artikel 7 van Pro het Haags Huwelijksvermogensverdrag 1978 nu beheerst door het Nederlandse recht.
Inhoudelijke beoordeling
De rechtbank zal het verzoek van de vrouw ten aanzien van de verdeling van de inboedel als niet weersproken en op de wet gegrond toewijzen.

Beslissing

De rechtbank:
*
spreekt de echtscheiding uit tussen partijen, gehuwd op [datum] 2001 te [plaats 1] ( [land] );
*
bepaalt dat de vrouw met ingang van de dag van inschrijving van deze beschikking in de registers van de burgerlijke stand de huurster zal zijn van de woonruimte aan het adres [adres] ( [postcode] ) te [plaats 2] ;
*
bepaalt ten aanzien van de verdeling van de huwelijksgemeenschap dat de inboedel toegedeeld wordt aan de vrouw, zonder nadere verrekening;
*
verklaart deze beschikking, met uitzondering van het uitspreken van de echtscheiding, uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.S. Perniciaro, rechter, bijgestaan door mr. E.M. van Middelkoop als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 12 november 2025.