Uitspraak
Informele rechtsingang
Beschikking in het kader van de op 28 juli 2025 ingekomen brief van:
[de minderjarige] ,
[de moeder] ,
[de vader] ,
Procedure
- de moeder;
- de vader;
- [naam 1] namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad).
Rechtbank Den Haag
De minderjarige heeft de rechtbank verzocht de zorgregeling te wijzigen zodat hij zelf kan bepalen wanneer hij zijn vader ziet, omdat hij zich bij zijn vader niet thuis voelt en liever meer tijd bij zijn moeder doorbrengt. De ouders oefenen gezamenlijk gezag uit en de huidige regeling voorziet in regelmatig contact met de vader.
Tijdens de zitting gaf de vader aan het verzoek te begrijpen maar vreest hij zijn zoon kwijt te raken door minder contact. De moeder begrijpt de wens van het kind maar benadrukt het belang van contact. De Raad voor de Kinderbescherming adviseert dat de vader zich meer moet verdiepen in het leven van de minderjarige bij de moeder om het contact te verbeteren.
De rechtbank oordeelt dat het in het belang van het kind is dat er een zorgregeling blijft bestaan om het contact met de vader te waarborgen. De regeling wordt gewijzigd zodat de minderjarige om de week van zaterdag na voetbal tot zondagavond bij zijn vader verblijft, waarbij het contactmoment op zondag in de andere week vervalt.
De rechtbank benadrukt dat de vader zijn focus moet verleggen van het strikt naleven van de regeling naar het opbouwen van een warme relatie met het kind. Een brief aan de minderjarige licht de beslissing toe en moedigt de vader aan meer betrokken te zijn bij het leven van zijn zoon. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en er is mogelijkheid tot hoger beroep.
Uitkomst: De zorgregeling wordt gewijzigd zodat de minderjarige om de week van zaterdag na voetbal tot zondag 19.00 uur bij zijn vader verblijft.