Op 2 september 2025 heeft de verdachte te Rijswijk diverse goederen, waaronder flessen drank, meloen, sushi en tomaten, weggenomen uit de Albert Heijn XL de Bogaard met het oogmerk deze wederrechtelijk toe te eigenen. Dit werd vastgesteld aan de hand van camerabeelden en verklaringen van een medewerker die de verdachte betrapte.
De rechtbank heeft tijdens de terechtzitting op 27 november 2025 de tenlastelegging onderzocht. De verdediging voerde aan dat het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening ontbrak, maar dit werd door de rechtbank verworpen op basis van de bewijsmiddelen, waaronder het feit dat de verdachte de boodschappen in zijn rugzak stopte en zonder te betalen langs de kassa liep.
De verdachte voldoet aan de voorwaarden voor de oplegging van de ISD-maatregel, aangezien hij een veelpleger is met meerdere eerdere veroordelingen en een hoog risico op recidive. De reclassering adviseerde een onvoorwaardelijke ISD-maatregel vanwege de lage responsiviteit en agressieve houding van de verdachte. De rechtbank achtte een onvoorwaardelijke ISD-maatregel van twee jaar passend en noodzakelijk ter bescherming van de maatschappij en ter behandeling van mogelijke verslavings- en psychische problematiek.
De rechtbank verklaarde het bewezen verklaarde strafbaar en veroordeelde de verdachte tot twee jaar plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders, waarbij de tijd in voorlopige hechtenis niet wordt afgetrokken van de duur van de maatregel.