ECLI:NL:RBDHA:2025:23960
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing visum kort verblijf wegens onvoldoende onderbouwing doel en omstandigheden verblijf
Eiseres, een Ghanees staatsburger, heeft een visum kort verblijf aangevraagd om haar familievriend te bezoeken. De minister van Buitenlandse Zaken heeft deze aanvraag afgewezen omdat eiseres het doel en de omstandigheden van het voorgenomen verblijf onvoldoende heeft onderbouwd. In bezwaar is dit besluit gehandhaafd.
De rechtbank oordeelt dat eiseres en de referent niet geslaagd zijn in het aannemelijk maken van hun vriendschapsrelatie, waardoor het doel van het bezoek onvoldoende is vastgesteld. De overgelegde WhatsAppberichten tonen slechts beperkt contact in 2024 en ontbreken verdere bewijsstukken die een langdurige relatie aantonen. Het betoog dat geen langdurige vriendschap vereist is, wordt verworpen.
Daarnaast is geoordeeld dat de minister de hoorplicht niet heeft geschonden. Het bezwaar kon kennelijk ongegrond worden verklaard en er was geen aanleiding om eiseres te horen, ook niet gezien de mogelijkheid om in bezwaar stukken aan te leveren. Het beroep is daarom ongegrond verklaard, het bestreden besluit blijft in stand, en eiseres krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de visumaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.