ECLI:NL:RBDHA:2025:24054
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Vordering tot verstrekking financiële stukken en specificatie factuur in echtscheidingsgeschil
Partijen waren gehuwd van 2005 tot 2020 en sloten een echtscheidingsconvenant waarin partneralimentatie werd vastgesteld. De vrouw beschikt sinds november 2020 over eigen woonruimte. De man heeft de overeengekomen partneralimentatie niet voldaan en vordert inzage in de financiële stukken van de onderneming van de vrouw om een bodemprocedure tot wijziging van de alimentatie te onderbouwen.
De man vordert tevens een onderbouwde specificatie van een door de vrouw gefactureerd bedrag van €45.000, dat hij betwist. De vrouw weigert inzage in haar jaarrekeningen en betwist het belang van de man bij de gevraagde stukken. De voorzieningenrechter oordeelt dat de man voldoende belang heeft bij afschrift van de jaarrekeningen 2019 tot en met 2024 en een prognose voor 2025, omdat dit nodig is voor de berekening van de aanvullende behoefte in de onderhoudsplichtige periode.
De vordering tot verstrekking van de specificatie van de factuur wordt afgewezen omdat de vrouw al voldoende onderbouwing heeft gegeven en de man niet concreet heeft gemaakt welke aanvullende stukken hij wenst. De rechtbank veroordeelt de vrouw tot afgifte van de jaarrekeningen binnen zeven dagen en legt een dwangsom op bij niet-nakoming. Iedere partij draagt de eigen proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Vrouw wordt veroordeeld tot afgifte van jaarrekeningen 2019-2024 en prognose 2025 met dwangsom, overige vorderingen afgewezen.