ECLI:NL:RBDHA:2025:24081

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
16 december 2025
Publicatiedatum
16 december 2025
Zaaknummer
NL25.53859
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Rechters
  • H. Hanssen - Telman
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Dublinverordening
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak op grond van Dublinverordening

Verzoekster, van Indiase nationaliteit, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister van Asiel en Migratie besloot op 3 november 2025 om de aanvraag niet in behandeling te nemen omdat Kroatië verantwoordelijk werd geacht voor de behandeling van het asielverzoek op grond van de Dublinverordening.

Verzoekster stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 16 december 2025 samen met een gerelateerde zaak. Tijdens de zitting waren verzoekster, haar gemachtigde, een tolk en de gemachtigde van de minister aanwezig.

De voorzieningenrechter oordeelde dat gezien de uitspraak in de hoofdzaak (zaaknummer NL25.53858) een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was en wees het verzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak uitspraak is gedaan.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.53859

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam] , verzoekster,

geboren op [geboortedatum] ,
van Indiase nationaliteit,
V-nummer: [nummer] ,
(gemachtigde: mr. J.G. Brands),
en

de minister van Asiel en Migratie, de minister,

(gemachtigde: mr. A.E. Geçer).

Procesverloop

1. Bij besluit van 3 november 2025 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoekster tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen, omdat Kroatië verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
1.1.
Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep [1] ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
1.2.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met zaaknummer NL25.53858, op 16 december 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoekster, de gemachtigde van verzoekster, een tolk en de gemachtigde van de minister. De rechtbank heeft het onderzoek op de zitting gesloten.

Overwegingen

2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.53858, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. H. Hanssen - Telman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van R. de Boer, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Voetnoten

1.NL25.53858.