ECLI:NL:RBDHA:2025:24152
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- L.M. Nieuwenhuijs
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit COA over niet-ontvankelijkheid bezwaar ontheffing meldplicht
Eiser verzocht op 21 juli 2023 om een eenmalige ontheffing van de wekelijkse meldplicht bij het COA, welke mondeling en later schriftelijk werd afgewezen. Het bezwaar van eiser werd door het COA niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang, omdat eiser de opvang inmiddels had verlaten. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vernietigde dit eerdere besluit en droeg het COA op een nieuw besluit te nemen.
Het COA handhaafde het standpunt van niet-ontvankelijkheid in een besluit van 4 februari 2025. Eiser stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag. De rechtbank oordeelt dat eiser wel degelijk een financieel belang heeft bij een inhoudelijke beoordeling van zijn bezwaar, omdat het gaat om de terugbetaling van een onrechtmatig ingehouden bedrag aan leefgeld van €14,02.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt het COA op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen waarin het bezwaar inhoudelijk wordt behandeld, met een motivering over de afwijzing en een reactie op het beroep op artikel 6 van Pro de Grondwet. Daarnaast oordeelt de rechtbank dat de door de gemachtigde verleende rechtsbijstand niet kan worden aangemerkt als beroepsmatig verleend, zodat verweerder niet hoeft over te gaan tot proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en het COA opgedragen het bezwaar inhoudelijk te behandelen.