ECLI:NL:RBDHA:2025:24176
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.I.H. Kerstens-Fockens
- E. van den Nieuwendijk
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid van de bestuursrechter in aansprakelijkheidskwestie na letselschade
In deze uitspraak van de Rechtbank Den Haag op 16 december 2025, wordt het beroep van eiser tegen het besluit van de gemeente Leiden behandeld. Eiser stelt dat hij schade heeft geleden door een ongeval dat is veroorzaakt door langdurige werkzaamheden in zijn buurt. De gemeente heeft echter geen aansprakelijkheid erkend voor de gestelde schade. De rechtbank oordeelt dat het beroep van eiser niet gericht is tegen een voor beroep vatbaar besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Hierdoor verklaart de rechtbank zich onbevoegd om de zaak te behandelen. Eiser had op 31 januari 2025 een online formulier ingevuld om de gemeente aansprakelijk te stellen, maar de rechtbank stelt vast dat het gestelde onrechtmatig handelen van de gemeente geen besluit betreft zoals bedoeld in de Awb. De rechtbank legt uit dat de afhandeling van het schademeldingsformulier niet kan leiden tot een besluit waartegen beroep openstaat bij de bestuursrechter. Eiser kan in plaats daarvan een procedure starten bij de burgerlijke rechter. De rechtbank besluit dat het beroep van eiser niet ontvankelijk is en dat hij het griffierecht terugkrijgt, maar geen vergoeding voor proceskosten. De uitspraak is gedaan door mr. C.I.H. Kerstens-Fockens, in aanwezigheid van griffier mr. E. van den Nieuwendijk.