ECLI:NL:RBDHA:2025:24191
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing asielaanvraag wegens ondeugdelijke motivering geloofwaardigheid
Eiser, een Iraanse asielzoeker, diende op 7 december 2022 een asielaanvraag in in Nederland. Hij stelde dat hij vanwege zijn deelname aan demonstraties, zijn afvalligheid van de islam en de daaruit voortvloeiende vervolging in Iran, waaronder een gevangenisstraf en dreiging met zweepslagen, vreest voor zijn veiligheid bij terugkeer. Verweerder wees de aanvraag op 17 februari 2025 af als kennelijk ongegrond, onder meer omdat hij de door eiser gestelde problemen als ongeloofwaardig beoordeelde.
De rechtbank oordeelt dat verweerder zich ondeugdelijk heeft gemotiveerd bij het betwisten van de geloofwaardigheid van eisers verhaal. Zo is onvoldoende onderbouwd waarom eiser redelijkerwijs documenten over zijn straf en arrestatie zou moeten kunnen overleggen, terwijl het ontbreken daarvan aannemelijk is. Ook zijn tegenwerpingen over inconsistenties in verklaringen en de geloofwaardigheid van de gebeurtenissen tijdens demonstraties worden door de rechtbank verworpen vanwege gebrek aan objectieve onderbouwing.
Verder wordt geoordeeld dat eiser zijn asielaanvraag tijdig heeft ingediend en dat verweerder ten onrechte heeft aangenomen dat dit niet het geval was. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op binnen tien weken een nieuw besluit te nemen, waarbij de geloofwaardigheid van het asielrelaas opnieuw moet worden beoordeeld. Verweerder wordt tevens veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd; verweerder moet binnen tien weken een nieuw besluit nemen.