ECLI:NL:RBDHA:2025:2423
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking beroep wegens herbeoordeling WIA
Het Ministerie van Justitie en Veiligheid verzocht op 25 juli 2023 om een herbeoordeling in het kader van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA). Na het uitblijven van een tijdige beslissing stelde het ministerie het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) op 25 januari 2024 in gebreke en stelde beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit.
De rechtbank had een zitting gepland op 14 februari 2025, maar deze ging niet door omdat het ministerie het beroep op 31 januari 2025 introk. Dit volgde op het alsnog nemen van een beslissing door het UWV. Het ministerie verzocht daarop om een proceskostenveroordeling tegen het UWV.
De rechtbank oordeelde dat het UWV geheel aan het beroep tegemoet was gekomen door alsnog een beslissing te nemen. Daarom wees de rechtbank het verzoek om proceskostenveroordeling toe en legde het UWV op € 453,50 aan proceskosten te vergoeden, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht. Daarnaast wees de rechtbank erop dat het UWV ook het betaalde griffierecht van € 371,- moet vergoeden.
Uitkomst: Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen wordt veroordeeld tot betaling van € 453,50 aan proceskosten en vergoeding van het griffierecht van € 371,- aan het Ministerie van Justitie en Veiligheid.