Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
.
Rechtbank Den Haag
In deze bestuursrechtelijke zaak behandelt de rechtbank Den Haag het beroep van eiser tegen een besluit van de minister van Asiel en Migratie van 27 augustus 2025. De rechtbank beoordeelt het beroep zonder zitting op grond van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Eiser is bij brief van 20 september 2025 in de gelegenheid gesteld het griffierecht van €194 binnen vier weken te betalen of een onderbouwd beroep op betalingsonmacht te doen. Na het uitblijven van betaling is op 20 oktober 2025 een herinnering verstuurd met een nieuwe termijn van vier weken. Ondanks deze mogelijkheden heeft eiser het griffierecht niet voldaan.
De rechtbank stelt vast dat het niet betalen van het griffierecht aan eiser kan worden toegerekend en verklaart het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Partijen zijn geïnformeerd over de mogelijkheid tot verzet binnen zes weken na verzending van deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betalen van het griffierecht.