ECLI:NL:RBDHA:2025:24561
Rechtbank Den Haag
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende aannemelijkheid HDP-activisme en risico's in Turkije
Eiser, een Turkse minderjarige, verzocht asiel in Nederland op grond van vermeende vervolging vanwege zijn activiteiten voor de HDP, discriminatie als Koerd en weigering militaire dienstplicht. Verweerder wees de aanvraag af wegens onvoldoende aannemelijkheid van het HDP-activisme en het ontbreken van een reëel risico op ernstige schade bij terugkeer.
De rechtbank behandelde het beroep en oordeelde dat verweerder de Werkinstructie 2024/6 correct toepaste en dat eiser onvoldoende bewijsstukken overlegde ter onderbouwing van zijn HDP-activisme. Ook was zijn relaas niet samenhangend en aannemelijk. De rechtbank stelde dat de door eiser genoemde risico's van discriminatie en dienstplicht niet voldoende waren onderbouwd om vervolging aan te nemen.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht de asielaanvraag als ongegrond heeft afgewezen, mede gelet op het beleid en het ambtsbericht over Turkije. Het beroep werd ongegrond verklaard en eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de asielaanvraag afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van vervolging en risico's.