Uitspraak
Omgang
Beschikking op het op 18 september 2024 ingekomen verzoek van:
[de vader],
[de moeder],
Procedure
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Partijen zijn de ouders van een minderjarige geboren in 2014. Na een turbulente relatie en gedwongen jeugdbescherming is de hoofdverblijfplaats van het kind bij de moeder vastgesteld. De vader verzocht om een omgangsregeling, terwijl de moeder het contact wilde ontzeggen vanwege zorgen over veiligheid en het welzijn van het kind.
De rechtbank constateert dat het kind een afkeer heeft van de vader, mede door ervaringen met huiselijk geweld en persoonlijke problematiek zoals ADHD en een trauma gerelateerde stoornis. Het kind heeft schriftelijk aangegeven geen contact te willen. Hoewel het kind recht heeft op omgang, is het niet in zijn belang om contact af te dwingen.
De vader heeft positieve ontwikkelingen doorgemaakt, maar de moeder heeft weinig vertrouwen in blijvende verbetering. De rechtbank wijst het verzoek van de vader af, maar wijst ook het verzoek van de moeder tot ontzegging af vanwege de ingrijpende gevolgen.
In plaats daarvan wordt de omgangsregeling uit 2019 voor onbepaalde tijd opgeschort, met de mogelijkheid voor het kind om in de toekomst zelf contact te initiëren. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De omgangsregeling tussen vader en minderjarige wordt voor onbepaalde tijd opgeschort.