ECLI:NL:RBDHA:2025:24755
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.S. Gaastra
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen intrekking terugkeerbesluit wegens ontbreken procesbelang
De zaak betreft een beroep van eiser tegen een terugkeerbesluit van de minister van Asiel en Migratie, waarin de tijdelijke bescherming van eiser per 4 maart 2024 werd beëindigd. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit.
Tijdens de procedure trok de minister het terugkeerbesluit op 1 oktober 2025 in en meldde dat eiser het Schengengebied had verlaten, waardoor geen terugkeerbesluit meer zou worden opgelegd. De rechtbank vroeg partijen of zij gebruik wilden maken van het recht tot mondelinge behandeling, maar dit werd niet gewenst, waarna het onderzoek werd gesloten.
De rechtbank stelde vast dat eiser geen procesbelang meer had omdat hij niet meer reageerde op berichten en telefonisch niet bereikbaar was. Dit leidde tot de conclusie dat het beroep niet-ontvankelijk moest worden verklaard. De rechtbank wees ook een proceskostenveroordeling af omdat de minister reeds een onvoorwaardelijk aanbod tot vergoeding had gedaan, waarmee eiser volledig schadeloos was gesteld.
De uitspraak werd gedaan door rechter A.S. Gaastra en griffier B. Voors op 22 december 2025 in Arnhem. Eiser wordt gewezen op de mogelijkheid om binnen vier weken in hoger beroep te gaan bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit is niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.