ECLI:NL:RBDHA:2025:24923

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
14 oktober 2025
Publicatiedatum
22 december 2025
Zaaknummer
C/09/691202 / KG ZA 25-881
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Procedures
  • Kort geding
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vervangende toestemming voor aanvraag paspoort en reizen van minderjarige die door vader is achtergelaten in het buitenland

In deze zaak heeft de voorzieningenrechter van de Rechtbank Den Haag op 14 oktober 2025 uitspraak gedaan in een kort geding tussen een moeder en een vader met betrekking tot de minderjarige [de minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2022 te [geboorteplaats]. De moeder heeft de vader aangeklaagd omdat hij haar en de minderjarige afgelopen zomer in Syrië heeft achtergelaten. De vader is niet verschenen op de zitting en er is verstek verleend. De moeder vordert vervangende toestemming om een paspoort aan te vragen voor de minderjarige en om met haar te reizen van Syrië naar Nederland. De voorzieningenrechter heeft vastgesteld dat de vader na zijn terugkeer in Nederland in voorlopige hechtenis is genomen op verdenking van onttrekking van de minderjarige aan het gezag. De vader heeft verklaard dat hij niet van plan is om het uitreisverbod voor de minderjarige op te heffen. De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat de moeder als gezaghebbende ouder belang heeft bij het verkrijgen van een paspoort voor de minderjarige, zodat zij haar kan meenemen naar Nederland. De voorzieningenrechter heeft de moeder vervangende toestemming verleend voor de aanvraag van een paspoort en voor de reis van Syrië naar Nederland. Tevens is de minderjarige voorlopig aan de moeder toevertrouwd. De vordering om dit met behulp van de sterke arm te bewerkstelligen is afgewezen. De proceskosten worden gecompenseerd, aangezien partijen echtelieden zijn.

Uitspraak

Rechtbank den haag

Team handel - voorzieningenrechter
zaak- / rolnummer: C/09/691202 / KG ZA 25-881
Vonnis in kort geding van 14 oktober 2025
in de zaak van
[eiseres]te [woonplaats] ,
eiseres,
advocaat mr. J.H. Weermeijer-Patist te Oegstgeest,
tegen:
[gedaagde]te [woonplaats] ,
gedaagde,
niet verschenen.
Partijen worden hierna respectievelijk aangeduid als ‘de moeder’ en ‘de vader’.

1.De procedure

1.1.
De moeder heeft de dagvaarding doen uitbrengen overeenkomstig de aangehechte kopie en heeft ter zitting van 3 oktober 2025 bij de daarin opgenomen eis volhard.
1.2.
De vader is behoorlijk opgeroepen tegen die terechtzitting, maar hij is daar niet verschenen. Tegen de vader is verstek verleend.

2.De beoordeling van het geschil

2.1.
De moeder vordert, zakelijk weergegeven, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:
- vervangende toestemming aan haar te verlenen, die de toestemming van de vader vervangt, om een (nood)paspoort aan te vragen voor de minderjarige [de minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2022 te [geboorteplaats] (verder te noemen: [de minderjarige] );
- vervangende toestemming aan haar te verlenen, die de toestemming van de vader vervangt, om met [de minderjarige] te reizen van Syrië naar Nederland;
- [de minderjarige] voorlopig aan haar toe te vertrouwen, zo nodig met behulp van de sterke arm.
2.2.
Door de moeder is naar voren gebracht dat zij en [de minderjarige] afgelopen zomer tijdens een vakantie/familiebezoek door de vader zijn achtergelaten in Syrië. De vader heeft de paspoorten van de moeder en [de minderjarige] meegenomen en is alleen teruggekeerd naar Nederland.
De moeder is erin geslaagd om voor haarzelf een vervangend paspoort te verkrijgen en terug te reizen naar Nederland. Omdat de Syrische rechter op verzoek van de familie van de vader een uitreisverbod voor [de minderjarige] heeft uitgevaardigd, heeft de moeder [de minderjarige] noodgedwongen moeten achtergelaten bij haar ouders in Syrië.
2.3.
De stellingen van de moeder stroken met ambtshalve door de voorzieningenrechter bij het Openbaar Ministerie opgevraagde informatie. Daaruit is gebleken dat de vader na terugkeer in Nederland in voorlopige hechtenis is genomen op verdenking van onttrekking van [de minderjarige] aan het gezag. Begin september is de vader vrijgelaten, maar het strafrechtelijk onderzoek tegen hem loopt nog. Het is niet duidelijk waar de vader op dit moment verblijft. In het kader van de strafzaak heeft de vader verklaard dat hij voornemens is om naar Syrië te verhuizen en dat hij het Syrische uitreisverbod voor zijn zoon niet wil laten opheffen. Gelet daarop gaat de voorzieningenrechter ervan uit dat de vader weigert mee te werken aan het terughalen van [de minderjarige] naar Nederland.
2.4.
Nu de vader met onbekende bestemming is vertrokken, heeft de moeder er als gezaghebbende ouder alle belang bij dat [de minderjarige] zich bij haar voegt. De voorzieningenrechter zal de moeder dan ook vervangende toestemming verlenen voor de aanvraag van een paspoort voor [de minderjarige] . Zonder paspoort kan de moeder [de minderjarige] immers niet meenemen naar Nederland. Op de zitting is duidelijk geworden dat de moeder beoogt in Libanon een noodpaspoort voor [de minderjarige] aan te vragen. Dat zou mogelijk moeten zijn zonder dat [de minderjarige] hierbij aanwezig is. De voorzieningenrechter zal de moeder voorts vervangende toestemming verlenen om met [de minderjarige] te reizen van Syrië naar Nederland. Tot slot zal [de minderjarige] voorlopig worden toevertrouwd aan de moeder. De vordering een en ander te bewerkstelligen met behulp van de sterke arm zal worden afgewezen. De afgifte van [de minderjarige] aan de moeder dient immers in Syrië, althans bij de grens tussen Syrië en Libanon plaats te vinden, zodat voor de politie in Nederland geen rol is weggelegd.
2.5.
Aangezien partijen echtelieden zijn, zullen de proceskosten op de hierna te vermelden wijze tussen hen worden gecompenseerd.

3.De beslissing

De voorzieningenrechter:
3.1.
verleent de moeder vervangende toestemming, die de toestemming van de vader vervangt, om een (nood)paspoort aan te vragen voor de minderjarige [de minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2022 te [geboorteplaats] ;
3.2.
verleent de moeder vervangende toestemming, die de toestemming van de vader vervangt, om met [de minderjarige] te reizen van Syrië naar Nederland;
3.3.
bepaalt dat [de minderjarige] voorlopig zal worden toevertrouwd aan de moeder;
3.4.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
3.5.
bepaalt dat iedere partij de eigen kosten draagt;
3.6.
wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. S.J. Hoekstra-van Vliet en in het openbaar uitgesproken op 14 oktober 2025.
EF