ECLI:NL:RBDHA:2025:24931
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling plaatsingsbesluit en vrijheidsbeperkende maatregel COA in vreemdelingenrecht
De rechtbank Den Haag behandelde op 27 november 2025 de beroepen van eiser tegen twee besluiten van 29 september 2025: het plaatsingsbesluit van het COa om eiser in een Handhaving- en Toezichtlocatie (HTL) te plaatsen en de vrijheidsbeperkende maatregel van de minister van Asiel en Migratie. Eiser betwistte de feitelijke weergave van het incident waarbij hij een medewerker van het COa zou hebben geslagen en bedreigd, en voerde aan dat het incident onterecht als ernstig werd gekwalificeerd.
De rechtbank oordeelde dat de feitelijke weergave in het plaatsingsbesluit betrouwbaar is en dat de agressieve gedragingen van eiser, waaronder het slaan met gebalde vuisten en de doodsbedreiging, terecht als een incident met zeer grote impact zijn gekwalificeerd. Eisers stellingen werden niet onderbouwd en konden niet afdoen aan de verslaglegging van het COa.
Ook het beroep tegen de vrijheidsbeperkende maatregel werd ongegrond verklaard, aangezien eiser geen zelfstandige beroepsgronden aanvoerde en de rechtbank geen aanwijzingen vond dat deze maatregel onrechtmatig was. De rechtbank wees tevens het verzoek om schadevergoeding af en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De beroepen tegen het plaatsingsbesluit en de vrijheidsbeperkende maatregel zijn ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.