Eiser, van Senegalese nationaliteit, diende een asielaanvraag in die aanvankelijk werd afgewezen, maar door de rechtbank Haarlem werd vernietigd en terugverwezen. Verweerder stelde de asielaanvraag buiten behandeling op grond van vertrek zonder toestemming (MOB) en legde een terugkeerbesluit met inreisverbod op.
Eiser voerde aan dat het besluit niet correct was bekendgemaakt en dat zijn gemachtigde niet juist was aangemerkt. De rechtbank oordeelde dat de bekendmaking rechtsgeldig was omdat verweerder terecht de gemachtigde had aangemerkt en het besluit naar het juiste adres was verzonden.
Verder stelde eiser dat de asielaanvraag alsnog inhoudelijk beoordeeld moest worden omdat hij weer contact had met zijn gemachtigde. De rechtbank oordeelde dat de buitenbehandelingstelling terecht was op grond van het ontbreken van contact met bevoegde autoriteiten na vertrek zonder toestemming.
Ten slotte voerde eiser aan dat het terugkeerbesluit niet voldeed aan de non-refoulementverplichting. De rechtbank oordeelde dat verweerder wel degelijk een toetsing had verricht en dat het besluit deugdelijk was gemotiveerd. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.