Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Algerijnse asielzoeker, werd op 28 november 2025 onderworpen aan een maatregel van bewaring op grond van artikel 59b van de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding.
De rechtbank had de rechtmatigheid van de maatregel tot 10 december 2025 reeds beoordeeld en achtte deze toen rechtmatig. De beoordeling richt zich nu op het voortduren van de maatregel na die datum. Eiser stelde dat de maatregel onrechtmatig werd voortgezet omdat de omzetting na de afwijzing van zijn asielaanvraag op 11 december 2025 niet tijdig plaatsvond. De maatregel had uiterlijk 20 december 2025 omgezet moeten zijn, maar dit gebeurde pas op 22 december 2025.
De rechtbank stelde vast dat de maatregel vanaf 18 december 2025 onrechtmatig was vanwege de te late omzetting en kende eiser een schadevergoeding van €200 toe voor twee dagen onrechtmatige vrijheidsontneming. Tevens werden proceskosten van €907 aan eiser toegekend. Het beroep werd gegrond verklaard, maar dit leidde niet tot heropening van de maatregel omdat deze reeds was opgeheven.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de Staat wordt veroordeeld tot betaling van € 200 schadevergoeding en € 907 proceskosten.