Uitspraak
Rechtbank den haag
1.De procedure
2.De feiten
voorlopigezorgregeling, waarbij de kinderen bij de vader zijn: in de even weken van vrijdagochtend 10:30 uur tot woensdagochtend 10:30 uur, waarbij geldt dat de overdracht van de kinderen plaatsvindt op station [plaats 2] waarbij geldt dat de man tot 1 augustus 2025 één keer per maand voor één van de twee omgangsmomenten een verslag van de heer [naam 1] ( [zorginstantie] ) en/of mevrouw [naam 2] (therapeute verslavingszorg) aan de vrouw overlegt met informatie over de vraag of sprake is van terugval in drugs/middelengebruik bij de man of andere zorgen zijn over zijn functioneren;
voorlopigedoor de vader aan de moeder te betalen bijdrage aan kinderalimentatie van € 25,- per maand.
3.Het geschil
primairom de op 7 februari 2025 vastgestelde zorgregeling op te schorten totdat hulpverlening is gestart, waarna de omgang onder begeleiding vorm zal worden gegeven;
subsidiairom te bepalen dat de kinderen in de oneven weekenden van vrijdag na school tot zondagmiddag bij de vader verblijven, waarbij de overdracht plaatsvindt op station [plaats 2] , onder de volgende voorwaarden:
4.De beoordeling van het geschil
nadit vonnis. Op het moment dat er een door beide ouder ondersteund veiligheidsplan ligt, kan de zorgregeling, zoals vastgesteld bij beschikking van 7 februari 2025, weer worden hervat. De vader zal daarbij in ieder geval onverminderd de verslagen van de hulpverlening over zijn welzijn aan de moeder blijven doorsturen.