ECLI:NL:RBDHA:2025:25729
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verlening aansluitende zorgmachtiging voor verplichte geestelijke gezondheidszorg bij schizofrenie
De rechtbank Den Haag behandelde op 23 december 2025 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een aansluitende zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, geboren in 1970. Betrokkene betwist de diagnose schizofrenie en het bestaan van ernstig nadeel, maar de rechtbank acht de diagnose gegrond op onafhankelijke psychiatrische rapportage en eerdere vaststellingen.
De rechtbank constateert dat betrokkene lijdt aan schizofrenie met een chronische psychiatrische kwetsbaarheid, waarbij zonder medicatie paranoïde psychotische episodes optreden die leiden tot agressief en dreigend gedrag, conflicten en bedreigingen richting gezinsleden. Er is geen ziektebesef bij betrokkene, waardoor vrijwillige zorg niet mogelijk is en verplichte zorg noodzakelijk is om ernstig nadeel te voorkomen.
De rechtbank wijst op het vervallen van de vorige zorgmachtiging wegens te late indiening van het verzoek en verleent nu een nieuwe zorgmachtiging voor zes maanden. De machtiging omvat onder meer het toedienen van medicatie, medische controles, beperkingen in bewegingsvrijheid en opname in een accommodatie, met aanvullende maatregelen bij decompensatie van het toestandsbeeld.
De rechtbank acht de voorgestelde verplichte zorg noodzakelijk, evenredig en effectief, en wijst het meer of anders verzochte af. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden voor verplichte zorg aan betrokkene met schizofrenie vanwege ernstig nadeel en gebrek aan ziekte-inzicht.