ECLI:NL:RBDHA:2025:26029

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
24 december 2025
Publicatiedatum
6 januari 2026
Zaaknummer
C/09/694307 / KG ZA 25-1102
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing Wlz-overeenkomst voor Zorgklaver en Zorgklaver Wonen en Zorg door Zilveren Kruis

In deze zaak vorderen Zorgklaver B.V. en Zorgklaver Wonen en Zorg B.V. (hierna gezamenlijk Zorgklaver c.s.) een Wlz-overeenkomst voor 2026 van Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V. De voorzieningenrechter heeft op 24 december 2025 uitspraak gedaan in een kort geding, waarin Zorgklaver c.s. aanvoeren dat Zilveren Kruis hen ten onrechte heeft uitgesloten van de mogelijkheid om een Wlz-overeenkomst aan te vragen. Zorgklaver c.s. stellen dat zij voldoen aan de eisen van het Inkoopbeleid van Zilveren Kruis en dat er in de regio Kennemerland een wachtlijstproblematiek is die zij kunnen helpen verhelpen. Zilveren Kruis heeft echter betwist dat er sprake is van een wachtlijstproblematiek en heeft de afwijzing van de aanvragen van Zorgklaver c.s. gemotiveerd. De voorzieningenrechter oordeelt dat Zilveren Kruis niet onredelijk heeft gehandeld door Zorgklaver c.s. geen overeenkomst aan te bieden, omdat zij niet voldoen aan de voorwaarden van het Inkoopbeleid. De vorderingen van Zorgklaver c.s. worden afgewezen, en zij worden veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK Den Haag

Team handel - voorzieningenrechter
Zaaknummer: C/09/694307 / KG ZA 25-1102
Vonnis in kort geding van 24 december 2025
in de zaak van

1.ZORGKLAVER B.V. te Hoorn,2. ZORGKLAVER WONEN EN ZORG B.V. te Heemskerk,

eiseressen,
hierna te noemen Zorgklaver en Zorgklaver Wonen en Zorg en samen Zorgklaver c.s.,
advocaten: mr. D.W.L.A. Schrijvershof en mr. S.A. Stolk,
tegen
ZILVEREN KRUIS ZORGKANTOOR N.V.te Leiden,
gedaagde,
hierna te noemen: Zilveren Kruis,
advocaten: mr. T.R.M. van Helmond en mr. J.J.C. Vorias.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 7 november 2025, met producties;
- de akte houdende nadere onderbouwing vorderingen van Zorgklaver c.s.;
- de conclusie van antwoord, met producties.
1.2.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 9 december 2025. De advocaten van partijen hebben ter zitting het woord gevoerd aan de hand van spreekaantekeningen die zijn overgelegd, en partijen hebben over en weer hun standpunten toegelicht en vragen van de voorzieningenrechter beantwoord. Vonnis is nader bepaald op vandaag.

2.De feiten

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting wordt in dit geding van het volgende uitgegaan.
2.1.
De Wet langdurige zorg (Wlz) heeft betrekking op zware, intensieve zorg voor kwetsbare ouderen, mensen met een handicap en mensen met een psychische aandoening.
2.2.
Voor de uitvoering van de Wlz is Nederland opgedeeld in regio’s. Per regio is een zorgkantoor aangewezen, dat ervoor verantwoordelijk is dat de cliënten in die regio de langdurige zorg krijgen waarop ze recht hebben. De zorgkantoren hebben een zorgplicht en ter uitvoering daarvan sluiten zij schriftelijke overeenkomsten met zorgaanbieders die zorg kunnen verlenen die verzekerd is (artikel 4.2.1 en 4.2.2 van de Wlz). Elk zorgkantoor heeft een door de Nederlandse Zorgautoriteit vastgestelde financiële ruimte (regionale contracteerruimte) om daarmee zorg in te kopen voor de inwoners van die regio.
2.3.
Zilveren Kruis is aangewezen als zorgkantoor voor de regio Kennemerland.
2.4.
Tot de op grond van de Wlz verleende zorg behoort de sector Verpleging en Verzorging (hierna: V&V), waarin verschillende zorgprofielen worden onderscheiden met een oplopende zorgzwaarte, waarbij VV4 het lichtste zorgprofiel is en VV9b het zwaarste.
2.5.
Voor 2026 heeft Zilveren Kruis haar inkoopbeleid met betrekking tot V&V geregeld in het document “Inkoopbeleid Wlz-Verpleging en verzorging 2024-2026, geactualiseerd voor 2026” (hierna: het Inkoopbeleid), dat gepubliceerd is op 28 mei 2025. De uiterste datum voor het aanvragen van een Wlz-overeenkomst voor 2026 was 31 juli 2025.
2.6.
Zorgklaver en Zorgklaver Wonen en Zorg zijn zorgaanbieders die actief zijn in de regio Kennemerland.
2.7.
Zorgklaver biedt thuiszorg aan patiënten met een Zvw- en Wlz-indicatie. Onder deze zorg valt verpleging en verzorging, psychische ondersteuning, individuele begeleiding,
huishoudelijke hulp, maaltijdservice, 24-uurszorg, intensieve kindzorg en palliatieve zorg.
2.8.
Zorgklaver Wonen en Zorg levert zorg aan mensen met een Wlz-indicatie en Zvw-indicatie. Sinds 2025 heeft Zorgklaver Wonen en Zorg het Zorgklaver Huis in Heemstede. In het Zorgklaver Huis is plaats voor 13 personen. Het personeel van het Zorgklaver Huis is gericht op ouderenzorg. Op dit moment verblijven er 9 patiënten in het Zorgklaver Huis. Deze patiënten hebben de zorgprofielen VV4, VV5 en VV6.
2.9.
Zorgklaver en Zorgklaver Wonen en Zorg werken samen en zijn aan elkaar gelieerd. De aandelen in Zorgklaver worden gehouden door (de houdstermaatschappij van) mevrouw [naam 1] (hierna: [naam 1] ). Zorgklaver Wonen en Zorg is een joint venture, waarin 50% van de aandelen gehouden wordt door Zorgklaver en 50% door de heer [naam 2] . Zorgklaver en Zorgklaver Wonen en Zorg hebben geen Wlz-overeenkomst. De Wlz-zorg die zij tot nu toe hebben verleend is gefinancierd op basis van het persoonsgebonden budget (PGB) van de cliënt, dan wel op basis van onderaanneming, in opdracht van een zorgaanbieder die wel een Wlz-overeenkomst heeft.
2.10.
Op 31 juli 2025 hebben Zorgklaver c.s. ieder voor zich bij Zilveren Kruis een aanvraag ingediend voor een Wlz-overeenkomst Verzorging en Verpleging voor het jaar 2026 voor de regio Kennemerland (hierna: de Overeenkomst 2026).
2.11.
In het Inkoopbeleid van Zilveren Kruis staat dat ook nieuwe zorgaanbieders, die correct hebben ingeschreven en positief zijn beoordeeld, een Wlz-overeenkomst krijgen. Dit betreft een éénjarige overeenkomst tegen een lager tarief. In paragraaf 8.1, 8.2 en 8.3 van het Inkoopbeleid staat met betrekking tot nieuwe zorgaanbieders het volgende:

Nieuwe zorgaanbieders kunnen in aanmerking komen voor een overeenkomst, wanneer zij kunnen aantonen dat zij voldoen aan alle gestelde voorwaarden én;
  • Een leemte vervullen t.a.v. specifiek zorgaanbod (bijvoorbeeld een specifieke doelgroep of een tekort in de regio)
  • Door hun omvang of rol in de regionale samenwerking een wezenlijke bijdrage leveren aan de regionale opgave.
(...)
In paragraaf 1.4.3 is toegelicht dat we samenwerking tussen zorgaanbieders stimuleren en te veel versnippering voorkomen. We hanteren om deze reden een klant-werkgebiedratio. Dit is de verhouding tussen het totaal aantal klanten waaraan u Wlz-zorg of Zvw wijkverpleging levert in de verschillende 4-cijferige postcodegebieden waarin deze klanten wonen en het totaal aantal 4-cijferige postcodegebieden van deze klanten [zie paragraaf 6.4]. Voor nieuwe zorgaanbieders geldt de eis van de klant-werkgebied ratio als één van de inkoopvoorwaarden om in aanmerking te komen voor een overeenkomst. Het kan zijn dat u op het moment van inschrijving nog niet voldoet aan het klant-werkgebied ratio. Bij uw inschrijving kunt u aangeven vanaf welk moment u voldoet aan deze inkoopvoorwaarde. Om in aanmerking te komen voor een overeenkomst moet u voldoende aannemelijk maken dat u uiterlijk 1 augustus 2026 voldoet aan de gestelde inkoopvoorwaarde.
Naast het voldoen aan de sectorale kwaliteitseisen en de in paragraaf 8.5 genoemde juridische voorwaarden, verwachten wij van nieuwe zorgaanbieders dat zij belangrijke zorginhoudelijke en administratieve randvoorwaarden goed op orde hebben.
Zilveren Kruis vindt het belangrijk dat ook nieuwe zorgaanbieders goed hebben nagedacht over deze randvoorwaarden en deze hebben geborgd. Het gaat om:
  • Het sluiten van samenwerkingsafspraken in de regio, dan wel het aansluiten bij relevante samenwerkingsverbanden
  • Het borgen van de medisch generalistische zorg voor hun klanten
  • Het borgen van de benodigde Wlz specifieke behandeling voor hun klanten (...).
2.12.
In paragraaf 8.5 en 8.6 van het Inkoopbeleid staat welke documenten nieuwe zorgaanbieders bij hun inschrijving moeten aanleveren. Dit betreft onder meer een afschrift van het UBO-register en een ondernemingsplan met daarin onder meer een organogram van de juridische structuur en een toelichting op een eventuele holding- of concernconstructie. Daarnaast moet ook een bedrijfsplan worden ingediend met daarin onder meer een toelichting op de ervaring die de zorgaanbieder al heeft in het leveren van zorg. Hierbij moet de zorgaanbieder ook aantonen op welke wijze zij de samenwerking met bijvoorbeeld gemeenten, ketenpartners, huisartsen, dementienetwerken en/of andere zorgaanbieder heeft geborgd. In paragraaf 8.5 staat over de in te dienen documenten, voor zover hier van belang, het volgende:

Nieuwe zorgaanbieders leveren bij de inschrijving verschillende documenten aan
Bij de inschrijving moet de bestuursverklaring ingevuld worden. Daarbij moet voor een aantal items met documentatie aangetoond worden dat er wordt voldaan aan de gestelde voorwaarden. Hieronder worden de gestelde eisen inzichtelijk gemaakt en staat vermeld wat bij inschrijving aan documentatie moet worden meegestuurd. De bewijsstukken voor de eisen die gelden op het moment van zorglevering en na zes maanden van ingangsdatum van de overeenkomst kunnen desgewenst door het zorgkantoor opgevraagd worden.
2.13.
In paragraaf 7.9.1 van het Inkoopbeleid staat met betrekking tot de volledigheid van de stukken het volgende:

Alleen met een juiste en volledige inschrijving komt u voor een overeenkomst in aanmerking.
Wij bekijken na sluiting van de inschrijving of de inschrijving volledig en juist is. Onvolledige inschrijvingen worden niet beoordeeld, bijstelling en aanvulling op initiatief van de zorgaanbieder is niet toegestaan. Een inschrijving is volledig wanneer:
(...)
Alle onderbouwende documenten bij de inschrijving zijn bijgevoegd (conform het overzicht ‘aan te leveren documenten’ zie paragraaf 8.5).
(...)
Zorgkantoren hebben na inschrijving de bevoegdheid (maar niet de verplichting) om een zorgaanbieder te vragen zijn inschrijving toe te lichten. De zorgaanbieder heeft dan vijf werkdagen de tijd om de gevraagde toelichting aan te leveren bij het zorgkantoor. Hierna kan de inschrijving definitief worden beoordeeld. Aan het enkel vragen om een (nadere) toelichting door het zorgkantoor kunnen geen rechten of toezeggingen worden ontleend.
2.14.
Bij brief van 29 augustus 2025 heeft Zilveren Kruis aan Zorgklaver Wonen en Zorg meegedeeld dat zij niet in aanmerking komt voor de Overeenkomst 2026. In deze brief heeft Zilveren Kruis daarvoor de volgende redenen gegeven:
  • Uw UBO-registratie in Vektis is niet actueel.
  • U heeft zich tevens ingeschreven met zorgorganisatie de Zorgklaver. Uit de door u aangeleverde documenten is het onvoldoende duidelijk hoe deze organisaties zich tot elkaar verhouden.
  • Op basis van de door u aangeleverde documenten is niet inzichtelijk gemaakt of er voldoende ervaring in het leveren van Wlz-ouderenzorg.
In de brief heeft Zilveren Kruis verder meegedeeld dat nazending om de inschrijving te complementeren niet mogelijk is en dat de beoordeling uiterlijk 25 september 2025 definitief wordt.
2.15.
Op 16 september 2025 heeft [naam 1] namens Zorgklaver Wonen en Zorg in een e-mail met bijlagen bezwaar gemaakt tegen de voorlopige uitkomst van de beoordeling van de inschrijving. In deze e-mail schrijft zij onder meer het volgende:

Als DGA van beide organisaties is de verhouding tussen ZorgKlaver en ZorgKlaver Wonen en Zorg helder beschreven in het ingediende ondernemingsplan en statuten. ZorgKlaver Wonen en Zorg is een uitbreiding van ZorgKlaver, met als doel de uitbreiding
van Wlz-zorg onder dezelfde governance.
Wij hebben bewust beide entiteiten ingeschreven om Zilveren Kruis de vrijheid te geven te kiezen met welke partij men wenst te contracteren.
2.16.
Naar aanleiding van het bezwaar heeft op 2 oktober 2025 op een toetsend gesprek plaatsgevonden tussen Zilveren Kruis en Zorgklaver c.s. Hierbij zijn de inschrijvingen van Zorgklaver en Zorgklaver Wonen en Zorg besproken.
2.17.
Bij brief van 24 oktober 2025 heeft Zilveren Kruis aan Zorgklaver c.s. meegedeeld dat zij niet in aanmerking komen voor een Overeenkomst 2026, omdat zij volgens Zilveren Kruis niet voldoen aan de inkoopvoorwaarden uit het Inkoopbeleid. In deze brief heeft Zilveren Kruis voor de afwijzing de volgende redenen gegeven:
  • Zilveren Kruis herkent de wachtlijstproblematiek in de regio Kennemerland niet en kan niet meegaan in de bewering dat Zorgklaver hierin een belangrijke lacune opvult;
  • Volgens Zilveren Kruis bedient Zorgklaver op dit moment 10 patiënten en dat is onvoldoende om te spreken van een wezenlijke bijdrage aan de regionale opgave;
  • Gelet op de demografische ontwikkelingen in de regio heeft Zilveren Kruis op het gebied van geclusterde woonvormen voldoende zorgaanbod gecontracteerd. Zorgklaver Wonen en Zorg vervult daarom onvoldoende een leemte binnen de regio Kennemerland. De doelgroep waarop Zorgklaver Wonen en Zorg zich richt 4VV en 6VV betreft geen zeer specifieke doelgroep;
  • Zorgklaver en Zorgklaver c.s. hebben onvoldoende aangetoond dat zij duurzame afspraken hebben met relevante partijen in de regio;
  • Het is Zilveren Kruis niet duidelijk hoe de concernconstructie van Zorgklaver en Zorgklaver Wonen en Zorg is vormgegeven.
In de brief heeft Zilveren Kruis meegedeeld dat de uitkomst van de beoordeling, na een wachttermijn van 14 dagen, uiterlijk op 7 november 2025 definitief wordt.
2.18.
In een brief van 6 november 2025, met daarbij 25 bijlagen, hebben Zorgklaver c.s. Zilveren Kruis verzocht om het besluit van 24 november 2025 te heroverwegen, om een nieuwe inhoudelijke beoordeling uit te voeren en om met Zorgklaver de gevraagde Wlz-overeenkomst aan te gaan. De brief bevat onder meer een toelichting op de concernconstructie van Zorgklaver c.s.

3.Het geschil

3.1.
Zorgklaver en Zorgklaver Wonen en Zorg vorderen bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, samengevat:
Primair:
I. te gebieden dat Zilveren Kruis tijdig en conform het Inkoopbeleid een passend Wlz-contract 2026 gunt en verstrekt aan Zorgklaver c.s.
Subsidiair:
I. te bevelen dat Zilveren Kruis met betrekking tot de inkoop van Wlz het besluit van 24 oktober 2025 dat ziet op de afwijzing verzoek om een passend Wlz-contract 2026 van Zorgklaver c.s. zo snel mogelijk moet heroverwegen, teneinde conform het Inkoopbeleid een passend Wlz-contract 2026 te gunnen en verstrekken aan Zorgklaver c.s.
II. te bevelen dat Zilveren Kruis met betrekking tot de inkoop van Wlz het besluit van 24 oktober 2025 dat ziet op de afwijzing verzoek om een passend Wlz-contract 2026 van Zorgklaver c.s. zo snel mogelijk in gesprek gaat met Zorgklaver c.s. teneinde een passend Wlz-contract 2026 te gunnen en te verstrekken aan Zorgklaver c.s.;
Meer subsidiair:
ledere andere voorlopige voorziening die de voorzieningenrechter passend acht en recht doet aan de belangen van Zorgklaver c.s.
3.2.
Zorgklaver en Zorgklaver Wonen en Zorg leggen aan hun vorderingen het volgende ten grondslag.
In Kennemerland wachten veel mensen op Wlz-zorg. Zorgklaver c.s. kunnen een deel van die zorg leveren. Zorgklaver c.s. voldoen aantoonbaar aan de eisen van het Inkoopbeleid van Zilveren Kruis. Door Zorgklaver c.s. toch uit te sluiten een Overeenkomst 2026, handelt Zilveren Kruis in strijd met haar zorgplicht. Daarnaast handelt Zilveren Kruis in strijd met de redelijkheid en billijkheid. Dit blijkt uit het feit dat Zilveren Kruis handelt in strijd met de aanbestedingsrechtelijke beginselen en met de ZN Code Goed Zorgverzekeringschap.
Zorgklaver c.s. zijn sterk afhankelijk van Zilveren Kruis. Mede omdat het aanvragen van een PGB voor ouderen een (te) hoge drempel is, hebben Zorgklaver c.s. er aantoonbaar belang bij om in aanmerking te komen voor een Overeenkomst 2026. Dat is niet alleen in het belang van Zorgklaver, maar ook van derden zoals verwijzers en andere zorgaanbieders en de Wlz-cliënten die Zorgklaver c.s. wensen te bedienen.
3.3.
Zilveren Kruis voert verweer. Zilveren Kruis concludeert tot afwijzing van de vorderingen van Zorgklaver c.s. met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van Zorgklaver c.s. in de kosten van deze procedure.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
Aangezien Zorgklaver c.s. in aanmerking wensen te komen voor een Overeenkomst 2026, hebben zij een spoedeisend belang bij hun vorderingen.
Grondslagen
4.2.
Tussen partijen is in geschil of Zilveren Kruis Zorgklaver en Zorgklaver Wonen en Zorg op goede gronden geen Overeenkomst 2026 heeft aangeboden. Zorgklaver c.s. hebben gesteld dat de afwijzing van Zilveren Kruis in strijd is met de precontractuele redelijkheid en billijkheid. Daarnaast hebben zij gesteld dat de afwijzing in strijd is met de zorgplicht van Zilveren Kruis en met de ZN Code Goed Zorgverzekeraarschap (hierna: de Code). Met betrekking tot deze drie grondslagen overweegt de voorziening het volgende.
4.3.
Op grond van de artikelen 4.2.1 en 4.2.2 van de Wlz geldt voor Zilveren Kruis een zorgplicht, die eruit bestaat dat zij passende zorg moet inkopen voor de inwoners van haar zorgregio. Deze zorgplicht gaat vanzelfsprekend niet zo ver dat Zilveren Kruis gehouden is om met iedere zorgaanbieder die de wens daartoe te kennen geeft een overeenkomst te sluiten. Zilveren Kruis heeft de vrijheid (en de plicht) om (inkoop)beleid te voeren om doelmatige en betaalbare zorg te garanderen; dat zij die vrijheid heeft staat tussen partijen niet ter discussie. Volgens de Code moeten zorgverzekeraars zich laten leiden door de belangen van de verzekerde. Daarnaast bepaalt de Code dat een zorgverzekeraar zich moet opstellen als een integere en betrouwbare partner die zekerheid biedt door beloftes na te komen en eerlijk en rechtvaardig te handelen en dat een zorgkantoor geen misbruik maken van zijn machtspositie in relatie tot een zorgaanbieder. Zorgklaver c.s. hebben geen feiten of omstandigheden naar voren gebracht waaruit zou kunnen volgen dat het Inkoopbeleid in strijd is met de zorgplicht en/of de Code. Zorgklaver c.s. hebben juist gesteld dat zij voldoen aan de voorwaarden van het Inkoopbeleid. In dit kort geding moet daarom worden beoordeeld of Zilveren Kruis op grond van het Inkoopbeleid een Overeenkomst 2026 had moeten aanbieden aan Zorgklaver en/of Zorgklaver Wonen en Zorg.
Het Inkoopbeleid
4.4.
Het Inkoopbeleid van Zilveren Kruis is (mede) normerend in de precontractuele structureert in welke fase de maatstaven van redelijkheid en billijkheid tussen het zorgkantoor en de inschrijver in acht moeten worden genomen. Bij de inkoop van zorg zal het Kruis er zorg voor moeten dragen dat de procedure verifieerbaar, transparant en non-discriminatoir is. Aangezien de zorgaanbieders binnen een regio zijn aangewezen op één zorgkantoor mogen de aangelegde normen bovendien niet onredelijk zijn. Dit kader staat tussen partijen niet ter discussie en volgt ook uit paragraaf 7.1 van het Inkoopbeleid, waar staat dat Zilveren Kruis zich gebonden acht aan de (aanbestedingsrechtelijke) beginselen van gelijkheid, transparantie en proportionaliteit. Verder geldt als uitgangspunt dat de contracteerruimte van Zilveren Kruis beperkt is: zij moet binnen haar budget zorg inkopen in de regio Kennemerland. Naar mate er meer zorgaanbieders worden gecontracteerd, moet hetzelfde budget over meerdere zorgaanbieders worden verdeeld. Mede in dat licht hebben andere zorgaanbieders dan Zorgklaver c.s. er belang bij dat Zilveren Kruis zich strikt houdt aan haar eigen inkoopbeleid.
4.5.
In dit kort geding gaat het erom of Zorgklaver c.s. voldoen aan de voorwaarden van het Inkoopbeleid. Tussen partijen is in geschil of Zorgklaver c.s. de benodigde stukken tijdig hebben ingediend. Daarnaast is in geschil of Zorgklaver c.s. voldoen aan de inhoudelijke criteria van het Inkoopbeleid.
Stukken volledig en op tijd?
4.6.
Op grond van paragraaf 7.9.1 van het Inkoopbeleid moesten Zorgklaver c.s. hun inschrijvingen voor een Overeenkomst 2026 uiterlijk 31 juli 2025 volledig indienen, inclusief alle benodigde documenten. Hierbij is bepaald dat onvolledige inschrijvingen niet worden beoordeeld en dat aanvulling op initiatief van de zorgaanbieder niet is toegestaan.
4.7.
In de brief van 29 augustus 2025 heeft Zilveren Kruis aan Zorgklaver c.s. meegedeeld dat zij niet in aanmerking komen voor een Overeenkomst 2026. In deze brief ligt besloten dat de door Zorgklaver c.s. aangeleverde documentatie naar het oordeel van Zilveren Kruis onvolledig was. Desalniettemin heeft er – naar aanleiding van het bezwaar van Zorgklaver c.s. – een toetsend gesprek plaatsgevonden, waarna Zilveren Kruis de aanvragen van Zorgklaver c.s. op inhoudelijke gronden heeft afgewezen. In de definitieve terugkoppeling in de brief van 24 oktober 2025 heeft Zilveren Kruis het ontbreken van stukken niet aan de afwijzing ten grondslag gelegd en de eerdere kritiekpunten met betrekking tot de UBO-registratie en de ervaringen met Wlz-zorg zijn daarin niet herhaald. De voorzieningenrechter gaat er daarom van uit dat de afwijzing van de inschrijvingen van Zorgklaver c.s. is gebaseerd op de inhoudelijke gronden, zoals vermeld in de definitieve terugkoppeling.
4.8.
De voorwaarden van het Inkoopbeleid brengen mee dat Zilveren Kruis haar beslissing om al dan niet een Overeenkomst 2026 aan te gaan met Zorgklaver c.s. in beginsel moet baseren op door Zorgklaver c.s. bij inschrijving ingediende stukken en de mogelijk op verzoek van Zilveren Kruis gegeven toelichting. Zilveren Kruis heeft zich daarmee terecht op het standpunt gesteld dat de na inschrijving door Zorgklaver c.s. ingediende stukken in beginsel niet mogen worden meegewogen bij de vraag of Zorgklaver c.s. al dan niet in aanmerking komen voor een Overeenkomst 2026. Zou dat anders zijn, dan handelt Zilveren Kruis in strijd met het gelijkheidsbeginsel en het transparantiebeginsel. In dit kort geding is overigens niet aannemelijk geworden dat Zilveren Kruis op basis van na inschrijving door Zorgklaver c.s. ingediende stukken (zoals de bijlagen bij het bezwaar van 16 september 2025, het bezwaar van 6 november 2025 en de stukken in dit kort geding) tot een andere beslissing was gekomen.
Inhoudelijke voorwaarden voor nieuwe zorgaanbieders
4.9.
In het Inkoopbeleid wordt onderscheid gemaakt tussen zorgaanbieders met een bestaande Wlz-overeenkomst en nieuwe zorgaanbieders die nog geen Wlz-overeenkomst hebben, zoals Zorgklaver c.s. Voor deze nieuwe zorgaanbieders gelden aanvullende eisen, zoals vermeld in paragraaf 8.1, 8.2 en 8.3 van het Inkoopbeleid (zie 2.11). Op grond van deze voorwaarden komen nieuwe zorgaanbieders in aanmerking voor een Overeenkomst 2026 indien zij een leemte vervullen binnen het zorglandschap (bijvoorbeeld voor een specifieke doelgroep of bij een tekort in de regio) en door hun omvang of rol in de regionale samenwerking een wezenlijke bijdrage leveren aan de regionale opgave. In de definitieve beoordeling heeft Zilveren Kruis gesteld dat Zorgklaver c.s. hieraan niet voldoen.
4.10.
Tussen partijen is niet in geschil dat Zilveren Kruis onderscheid mag maken tussen bestaande en nieuwe zorgaanbieders. Verder is niet gesteld of aannemelijk geworden dat de hiervoor vermelde voorwaarden onredelijk zijn. Zorgklaver c.s. hebben zich op het standpunt gesteld dat zij aan voormelde voorwaarden voldoen.
Leemte in het zorglandschap
4.11.
In de dagvaarding hebben Zorgklaver c.s. gesteld dat er in de regio Kennemerland concrete wachtlijstproblematiek is. Dit leiden zij af uit de gegevens van Zorginstituut Nederland, waaruit zou volgen dat er op 1 augustus 2025 292 patiënten op de wachtlijst voor V&V stonden en dat alle gecontracteerde Wlz-aanbieders in de regio op één na een wachtlijst hadden. Volgens Zorgklaver c.s. is er daarmee sprake van een leemte in het zorglandschap, die deels door Zorgklaver c.s. zou kunnen worden opgevuld. Zilveren Kruis heeft gemotiveerd betwist dat sprake is van wachtlijstproblematiek. Zilveren Kruis heeft in dit verband onweersproken gesteld dat de cijfers waar Zorgklaver c.s. naar verwijzen betrekking hebben op zogenoemde wenswachtenden (cliënten onder het kopje “wovmz”: cliënten die wachten op voorkeur met enige vorm van zorg), die reeds (overbruggings)zorg ontvangen. Volgens Zilveren Kruis betreft het mensen die wachten op een specifieke zorglocatie van hun voorkeur en is het niet zo dat er onvoldoende zorg beschikbaar is. Zilveren Kruis heeft er verder op gewezen dat sommige mensen zich bij meerdere instellingen inschrijven. Volgens Zilveren Kruis is het bovendien zo dat het de wachtlijsten en het aantal wenswachtenden in 2025 zijn afgenomen ten opzichte van het jaar ervoor. Daarnaast heeft Zilveren Kruis gesteld dat sommige gecontracteerde zorgaanbieders in Kennemerland juist te maken hebben met onderbenutting (leegstand) van hun beschikbare capaciteit. Weliswaar hebben Zorgklaver c.s. de juistheid van deze cijfers betwist, maar zij hebben onvoldoende aannemelijk gemaakt dat Zilveren Kruis voor 2026 onvoldoende zorgcapaciteit heeft gecontracteerd. Het feit dat er volgens de cijfers van Zilveren Kruis wachtenden zijn, waarbij in sommige gevallen de wensstreeftijd is overschreden, betekent niet zonder meer dat er ondercapaciteit is, en dat die door Zorgklaver c.s. moet kunnen worden opgevuld. Ook de verklaring van zorgaanbieder Viva dat zij door de hoge vraag cliënten niet altijd makkelijk kunnen plaatsen en dat zij wel eens moeten wachten op zorg, leidt niet zonder meer tot de conclusie dat sprake is van “wachtlijstproblematiek” op grond waarvan moet worden aangenomen dat er – getalsmatig – sprake is van een leemte in het zorglandschap die maakt dat Zilveren Kruis gehouden is om met Zorgklaver c.s. een Overeenkomst 2026 aan te gaan. De stellingen van Zorgklaver c.s. over de snel vergrijzende populatie van de regio Kennemerland, maken het voorgaande niet anders, aangezien niet duidelijk is hoe die vergrijzing zich binnen de looptijd van de Overeenkomst 2026 vertaalt tot een concrete vraagtoename naar Wlz-zorg.
4.12.
Zilveren Kruis heeft verder gesteld dat Zorgklaver c.s. inhoudelijk geen onderscheidende of unieke bijdrage aan de relevante Wlz-zorg levert, omdat de doelgroep waarop Zorgklaver c.s. zich (tot nu toe) richten cliënten met zorgprofielen 4VV, 6VV (en mogelijk ook 5VV), betreffen en dat Zilveren Kruis voor die zorg reeds voldoende zorgaanbieders heeft gecontracteerd. Zorgklaver c.s. hebben geen feiten of omstandigheden naar voren gebracht waaruit volgt dat dit anders is.
Wezenlijke bijdrage aan de regionale opgave
4.13.
Zilveren Kruis heeft verder gesteld dat Zorgklaver c.s. door hun omvang of rol in de regionale samenwerking geen wezenlijke bijdrage leveren aan de regionale zorgopgave. Zij heeft er in dat verband op gewezen dat Zorgklaver c.s. op dit moment 9 Wlz-cliënten bedient terwijl er in de regio 4747 Wlz-geïndiceerden zijn. Zorgklaver c.s. hebben dit niet weersproken, zodat redelijkerwijs niet gezegd kan worden dat Zorgklaver c.s. door hun omvang op dit moment al een wezenlijk bijdrage leveren. Dat Zorgklaver c.s. de ambitie hebben om door te groeien, maakt dat niet anders, al was het maar omdat Zorgklaver c.s. op dat punt geen aantoonbare ervaring hebben. Volgens Zorgklaver c.s. leveren zij door hun rol een wezenlijke bijdrage, omdat zij in tegenstelling tot de wel gecontracteerde zorgaanbieders kleinschalige ouderenzorg leveren. Hiertegenover heeft Zilveren Kruis gesteld dat zij naast de grote zorgaanbieders met “bejaardenflats” ook veel kleinere zorgaanbieders heeft gecontracteerd. Tijdens de mondelinge behandeling heeft de zorginkoper van Zilveren Kruis verklaard dat zij ook extramurale zorg heeft ingekocht in de vorm van kleinschalige woonvormen als de Zorgklaver. Bij deze stand van zaken acht de voorzieningenrechter het onvoldoende aannemelijk dat Zorgklaver c.s. door hun kleinschaligheid een wezenlijke bijdrage kunnen leveren aan de regionale opgave.
4.14.
Verder heeft Zilveren Kruis gesteld dat bij Zorgklaver c.s. een sterke regionale inbedding ontbreekt, omdat zij – op het terrein van de Wlz-zorg – geen duurzame samenwerkingsafspraken hebben aangetoond. Volgens Zilveren Kruis zijn de door Zorgklaver c.s. in hun stukken vermelde contacten (een oriënterend gesprek met een huisarts en een mantelzorgmakelaar) daarvoor onvoldoende. Hiertegenover hebben Zorgklaver c.s. niet aannemelijk gemaakt dat zij op dit moment wel relevante duurzame samenwerkingsverbanden hebben in de regio. Dat Zorgklaver c.s. actief bezig is om die samenwerkingsafspraken te maken, is daarvoor in ieder geval onvoldoende. Anders dan Zorgklaver c.s. kennelijk menen, mag Zilveren Kruis het bestaan van samenwerkingsafspraken betrekken bij haar beslissing om een Overeenkomst 2026 aan te bieden. De regionale samenwerking is immers een onderdeel van het betreffende criterium zoals vermeld in 8.3 van het Inkoopbeleid (zie 2.11), waar staat dat zorgaanbieders
door regionale samenwerkingeen wezenlijke bijdrage kunnen leveren aan de regionale zorgopgave. Daarnaast moesten inschrijvers op grond van 8.6 van het Inkoopbeleid (zie 2.12) bij hun inschrijving ook aantonen op welke wijze deze samenwerking is geborgd.
Conclusie
4.15.
Gelet op het voorgaande acht de voorzieningenrechter het oordeel van Zilveren Kruis dat Zorgklaver c.s. als nieuwe zorgaanbieder(s) op grond van het Zorgbeleid niet voor een Overeenkomst 2026 in aanmerking komen niet onredelijk. Op grond van het Inkoopbeleid bestaat er geen ruimte om Zilveren Kruis te verplichten om – al dan niet op basis van aanvullende informatie – de beoordeling van de aanvragen van Zorgklaver c.s., te herzien, dan wel om opnieuw met Zorgklaver c.s. in gesprek te gaan over het sluiten van een Overeenkomst 2026.
Slotsom en proceskosten
4.16.
Het voorgaande leidt tot de conclusie dat Zorgklaver c.s. niet aannemelijk hebben gemaakt dat Zilveren Kruis verplicht is om Zorgklaver en/of Zorgklaver Wonen en Zorg een Wlz-overeenkomst 2026 aan te bieden. De vorderingen van Zorgklaver en Zorgklaver Wonen en Zorg worden daarom afgewezen. Zij zijn in het ongelijk gesteld en moeten daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Zilveren Kruis worden begroot op:
- griffierecht
714,00
- salaris advocaat
1.107,00
- nakosten
178,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.999,00
4.17.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

5.De beslissing

De voorzieningenrechter:
5.1.
wijst de vorderingen van Zorgklaver c.s. af;
5.2.
veroordeelt Zorgklaver c.s. in de proceskosten van € 1.999,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als Zorgklaver c.s. niet tijdig aan de veroordelingen voldoen en het vonnis daarna wordt betekend;
5.3.
veroordeelt Zorgklaver c.s. tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald;
5.4.
verklaart dit vonnis wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. H.J. Vetter en in het openbaar uitgesproken op 24 december 2025.
WJ