ECLI:NL:RBDHA:2025:26053
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging dubbele aanslagen rioolheffing 2022 en 2023 wegens hetzelfde belastbare feit
Eiser betwistte de aanslagen rioolheffing voor de jaren 2022 en 2023, omdat volgens hem niet tweemaal dezelfde aanslag voor hetzelfde object en belastbare feit kan worden opgelegd. Verweerder handhaafde de aanslagen, stellende dat sprake was van een nieuw belastbaar feit door indirecte aansluiting en afvoer van hemelwater.
De rechtbank oordeelde dat volgens vaste jurisprudentie slechts één primitieve aanslag per belastbaar feit mag worden opgelegd. Verweerder kon niet aannemelijk maken dat de indirecte aansluiting een nieuw belastbaar feit vormde. Daarom zijn de aanslagen voor 2022 en 2023 onterecht opgelegd en worden deze vernietigd.
Daarnaast vorderde eiser een proceskostenvergoeding voor de bezwaarfase. De rechtbank stelde dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de verleende rechtsbijstand beroepsmatig was, mede omdat de gemachtigde vooral familieleden vertegenwoordigt. Daarom werd het beroep tegen de proceskostenvergoeding ongegrond verklaard.
Eiser stelde ook dat verweerder in strijd met algemene beginselen van behoorlijk bestuur had gehandeld, maar deze stelling was onvoldoende onderbouwd en faalde. De rechtbank droeg verweerder op het betaalde griffierecht aan eiser te vergoeden.
De uitspraak werd gedaan door rechter B. Sahebali op 4 december 2025 en partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: De aanslagen rioolheffing 2022 en 2023 worden vernietigd wegens dubbele heffing, het beroep tegen de proceskostenvergoeding wordt ongegrond verklaard.