ECLI:NL:RBDHA:2025:261
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen inreisverbod en signalering
Op 3 juni 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie aan verzoeker een zwaar inreisverbod en een besluit tot signalering opgelegd voor de duur van tien jaar. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tegelijkertijd een voorlopige voorziening gevraagd om het besluit tijdelijk te schorsen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met het beroep op 29 oktober 2024 behandeld. Beide partijen waren vertegenwoordigd door hun gemachtigden. Na het onderzoek ter zitting is het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen omdat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan op het hoofdberoep, waardoor een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open. De uitspraak is geanonimiseerd gepubliceerd en is definitief.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het inreisverbod en de signalering wordt afgewezen.