De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling om een machtiging te verkrijgen voor het uit huis plaatsen van een minderjarige in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp tot aan zijn meerderjarigheid. De minderjarige heeft een belast verleden, een licht verstandelijke beperking en gedragsproblemen, waaronder agressieregulatieproblematiek. Hij verblijft momenteel bij een instelling waar hij positieve ontwikkelingen doormaakt, maar waar een open setting nog te belastend voor hem is.
Tijdens de zitting, die met gesloten deuren plaatsvond, werd het belang van continuering van de gesloten jeugdhulp benadrukt. De minderjarige houdt zich aan de voorwaarden van zijn proeftijd en toont vooruitgang in zijn gedrag en dagbesteding. De kinderrechter heeft de minderjarige gehoord en de standpunten van de gecertificeerde instelling en de pedagogisch medewerker meegewogen.
De kinderrechter oordeelt dat de gesloten jeugdhulp noodzakelijk is vanwege ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van de minderjarige naar volwassenheid ernstig belemmeren. Er zijn geen minder ingrijpende alternatieven beschikbaar. De machtiging wordt verleend voor de periode van 17 december 2025 tot 8 april 2026, met het oog op het waarborgen van de positieve ontwikkeling en het voorbereiden op een open setting en de overgang naar meerderjarigheid.