ECLI:NL:RBDHA:2025:26271
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Machtiging tot voortzetting van inbewaringstelling wegens ernstig nadeel door Alzheimer
Op 10 december 2025 heeft de rechtbank Den Haag een beschikking gegeven tot voortzetting van de inbewaringstelling van cliënt, geboren in 1951, die lijdt aan de ziekte van Alzheimer. Het verzoek tot voortzetting was ingediend door het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) op 5 december 2025. Cliënt verzet zich tegen opname en verblijf in de accommodatie, maar de specialist ouderengeneeskunde stelde dat 24-uurs zorg en toezicht noodzakelijk zijn vanwege ernstige verwaarlozing en onrust.
De rechtbank beoordeelde formeel dat het verzoekschrift tijdig en door een bevoegd persoon van het CIZ was ingediend, ondanks het ontbreken van een machtiging van de bestuursvoorzitter. Inhoudelijk oordeelde de rechtbank dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel door het gedrag van cliënt, veroorzaakt door Alzheimer, waaronder ernstige lichamelijke verwaarlozing en gevaar voor de veiligheid.
De rechtbank concludeerde dat voortzetting van de inbewaringstelling noodzakelijk is om het ernstig nadeel te voorkomen, dat dit middel geschikt is en dat er geen minder bezwarende alternatieven zijn. De machtiging wordt verleend voor zes weken, tot en met 21 januari 2026. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling voor zes weken wegens ernstig lichamelijk letsel en verwaarlozing door Alzheimer.