ECLI:NL:RBDHA:2025:26287

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
11 december 2025
Publicatiedatum
11 januari 2026
Zaaknummer
C/09/693520 / FA RK 25-8019
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voorlopige voorziening exclusief gebruik woning en toewijzing gezag minderjarige kinderen

De rechtbank Den Haag behandelde op 11 december 2025 een verzoek tot voorlopige voorziening in een complexe en zorgelijke familierechtelijke zaak tussen een gehuwd stel met minderjarige kinderen. De man verzocht om het exclusieve gebruik van de echtelijke woning en de toewijzing van de minderjarige kinderen aan hem, terwijl de vrouw eveneens aanspraak maakte op het exclusieve gebruik van de woning en de kinderen.

Er is sprake van langdurige spanningen en incidenten tussen de ouders, waaronder een politie-interventie op 21 november 2025, waarna de vrouw met twee minderjarige kinderen in een crisisopvang verbleef. De rechtbank besloot het exclusieve gebruik van de woning toe te wijzen aan de man, die daar verblijft met een minderjarige en twee jong-meerderjarige kinderen. De toevertrouwing van twee minderjarige kinderen werd aan de vrouw toegewezen.

De rechtbank wees het verzoek van de man af om de vrouw te bevelen de woning te verlaten met inbegrip van de inboedel, omdat de vrouw de woning reeds had verlaten en het exclusieve gebruik automatisch het gebruik van de inboedel omvat.

Gezien de complexe situatie en de scheiding van de kinderen, gelastte de rechtbank een onderzoek door de Raad voor de Kinderbescherming met het oog op de bodemprocedure. De rechtbank benadrukte het belang van het opvolgen van adviezen van Veilig Thuis en andere hulpverleners om het contact tussen de kinderen en ouders te herstellen.

De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en de rechtbank stelde een procedure vast voor het vervolg na ontvangst van het raadsrapport en advies.

Uitkomst: De rechtbank wijst het exclusieve gebruik van de echtelijke woning toe aan de man en de toevertrouwing van de minderjarige kinderen verdeeld over beide ouders, gelast een raadsonderzoek en verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 25-8019
Zaaknummer: C/09/693520
Datum beschikking: 11 december 2025

Voorlopige voorzieningen

Beschikking op het op 23 oktober 2025 ingekomen verzoek van:

[de man] ,

de man,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. S. Bhulai te Den Haag.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de vrouw] ,

de vrouw,
nu verblijvende in de crisisopvang,
advocaat: mr. A. Vijftigschild te Leidschendam.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
  • het verzoekschrift;
  • het verweerschrift tevens verzoekschrift;
- het bericht van 21 november 2025, met bijlage, namens de vrouw;
- het bericht van 25 november 2025, met bijlagen, namens de man.
Op 27 november 2025 is de zaak op de (hybride) zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn fysiek verschenen:
  • de man met zijn advocaat en tolk A. Yahye;
  • de advocaat van de vrouw en tolk M. Abdullahi; en
  • mevrouw [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming
De vrouw was via videoverbinding aanwezig.

Feiten

- De man en de vrouw zijn gehuwd op [dag] 2022 te [plaats] .
- Zij zijn de ouders van de volgende minderjarige kinderen:
- [minderjarige 1] (roepnaam: [minderjarige 1] ), geboren op [geboortedatum 1] 2019 te [geboorteplaats 1] ,
- [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2019 te [geboorteplaats 2] ,
- [minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum 3] 2023 te [geboorteplaats 1] .
De man heeft nog twee jong-meerderjarige kinderen uit vorige
huwelijken: [jongmeerderjarige 1] ( [geboortedatum 4] 2006) en [jongmeerderjarige 2] ( [geboortedatum 5] 2007).
- De man verblijft op dit moment met [minderjarige 2] , [jongmeerderjarige 1] en [jongmeerderjarige 2] in
de echtelijke woning. De vrouw verblijft met [minderjarige 1] en [minderjarige 3] in de crisiopvang.
- De ouders oefenen het gezamenlijk gezag over de kinderen uit.
- De man heeft de Nederlandse nationaliteit en de vrouw heeft de Somalische
nationaliteit.

Verzoek en verweer

Het verzoek van de man strekt ertoe dat:
- de man gerechtigd zal zijn tot het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning te ( [postcode] ) [plaats] , aan de [adres] , met inbegrip van de inboedel, met het bevel dat de vrouw die woning dient te verlaten en verder niet mag betreden;
- de minderjarige kinderen van partijen aan de man worden toevertrouwd;
voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad.
De vrouw voert verweer, welk verweer hierna – voor zover nodig – zal worden besproken.
Tevens verzoekt de vrouw zelfstandig:
- te bepalen dat de vrouw gerechtigd zal zijn tot het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning te ( [postcode] ) [plaats] , aan de [adres] , met het bevel dat de man die woning verder niet mag betreden;
- de minderjarige kinderen van partijen aan de vrouw worden toevertrouwd.

Beoordeling

Rechtsmacht en toepasselijk recht
De Nederlandse rechter komt in deze voorlopige voorzieningenprocedure rechtsmacht toe. De rechtbank past in dit geval Nederlands recht toe.
Uitsluitend gebruik echtelijke woning en toevertrouwing kinderen
Zowel de man als de vrouw verzoeken het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning en de toevertrouwing van de (minderjarige) kinderen.
Er is al langere tijd sprake van spanningen tussen de man en de vrouw, waarbij sprake is van meningsverschillen die leiden tot flinke verbale en soms zelfs fysieke ruzies. Deze ruzies vinden ook regelmatig in aanwezigheid van de kinderen plaats. De spanningen hebben op 21 november 2025 geleid tot een incident in de echtelijke woning, waarbij de politie ter plaatse is gekomen. Sindsdien verblijven de vrouw, [minderjarige 1] en [minderjarige 3] in een crisisopvang. De man is met [minderjarige 2] , [jongmeerderjarige 1] en [jongmeerderjarige 2] in de echtelijke woning gebleven.
Gelet op de huidige situatie zal de rechtbank het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning en de toevertrouwing van de minderjarige [minderjarige 2] aan de man toewijzen. De toevertrouwing van de minderjarige [minderjarige 1] en [minderjarige 3] zal de rechtbank aan de vrouw toewijzen. De rechtbank doet dit om de huidige feitelijke situatie voorlopig in overeenstemming te brengen met de juridische situatie.
Het verzoek van de man om te bepalen dat de vrouw de woning dient te verlaten en dit uitsluitend gebruik ‘met inbegrip van de inboedel’ is, zal de rechtbank bij gebrek aan belang afwijzen. De vrouw heeft de echtelijke woning immers al verlaten. Daarnaast is bij toewijzing van het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning aan een partij die partij ook uitsluitend gerechtigd tot de tot die woning behorende inboedelgoederen, voor zover niet bij rechterlijke beschikking tot het dagelijks gebruik aan de andere partij en/of de kinderen toegewezen.
De rechtbank is – evenals de raad – van oordeel dat sprake is van een complexe en zorgelijke situatie. Het is allereerst zorgelijk dat er grote spanningen zijn tussen de ouders waarvan de kinderen last hebben. Daarnaast is het zeer ingrijpend dat de kinderen plotseling gescheiden zijn van de andere ouder en van elkaar. De rechtbank vindt het daarom –evenals partijen en de raad– noodzakelijk dat op korte termijn een onderzoek plaatsvindt door de raad.
De rechtbank vraagt de raad om onderzoek te doen naar de volgende vragen en daarover rapport en advies uit te brengen in
de reeds aanhangige bodemprocedure met zaaknummer C/09/693518 / FA RK 25-8018op de hierna vermelde wijze:
Welke hoofdverblijfplaats van de kinderen is het meest in hun belang?
Welke verdeling van de zorg- en opvoedingstaken is in het belang van de kinderen?
Is voor de kinderen en/of de ouders hulpverlening noodzakelijk en zo ja, welke?
Als de raad van mening is dat het onderzoek dient te worden uitgebreid naar een beschermingsonderzoek, wordt de raad verzocht om daartoe over te gaan.
Op de zitting is gesproken over de zorgen over het scheiden van de kinderen en dat zij geen contact meer hebben met de andere ouder. De ouders hebben hier geen verzoek over gedaan. De rechtbank geeft daarom partijen mee dat zij in deze periode de adviezen van Veilig Thuis en andere betrokken hulpverlening goed moeten opvolgen, met hopelijk als resultaat dat er weer spoedig contact zal zijn tussen de kinderen onderling en tussen de kinderen en de andere ouder. De rechtbank vindt het van belang dat de betrokken professionals hierin voorlopig de regie nemen.

Beslissing

De rechtbank:
*
bepaalt dat de man bij uitsluiting gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke woning te ( [postcode] ) [plaats] , aan de [adres] en beveelt mitsdien dat de vrouw die woning verder niet mag betreden;
*
bepaalt dat de minderjarige [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2019 te [geboorteplaats 2] ,
aan de man zal worden toevertrouwd;
*
bepaalt dat de minderjarigen:
-[minderjarige 1] (hierna: [minderjarige 1] ), geboren op [geboortedatum 1] 2019 te [geboorteplaats 1] ;
- [minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum 3] 2023 te [geboorteplaats 1] ;
aan de vrouw zullen worden toevertrouwd;
*
verzoekt de Raad voor de Kinderbescherming een onderzoek te verrichten met het hiervoor omschreven doel en daarover aan de rechtbank in
de reeds aanhangige bodemprocedure met zaaknummer C/09/693518 / FA RK 25-8018te rapporteren en advies uit te brengen;
bepaalt dat de griffier een afschrift van de processtukken aan de Raad voor de Kinderbescherming zal toesturen;
bepaalt dat ná ontvangst van het raadsrapport en advies de advocaten van de ouders zich in de hiervoor genoemde bodemprocedure uiterlijk binnen veertien dagen dienen uit te laten over het raadsrapport met advies, waarna de rechtbank zal beslissen over de voortgang van de procedure;
bepaalt dat, ná ontvangst van het rapport en advies, een zitting (voor zover noodzakelijk) zal plaatsvinden in de hiervoor genoemde bodemprocedure, in aanwezigheid van de Raad voor de Kinderbescherming;
beveelt de griffier partijen tegen het tijdstip van de zitting in de bodemprocedure ieder via de eigen advocaat op te roepen;
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
*
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. C. van Hees, rechter, tevens kinderrechter, bijgestaan door mr. M.G. Coopmans-Veraa als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
11 december 2025.