Op 16 december 2025 heeft de Rechtbank Den Haag een beschikking gegeven in een zaak betreffende het gezag over de kinderen van de vader en de moeder. De vader had op 4 februari 2025 een verzoek ingediend om gezamenlijk met de moeder belast te worden met het gezag over hun kinderen. In een eerdere beschikking van 25 april 2025 was de beslissing over het gezag aangehouden in afwachting van een verslag van de bijzondere curator. Tijdens de zitting op 18 november 2025 zijn verschillende documenten en rapporten besproken, waaronder het verslag van de bijzondere curator, die concludeerde dat de samenwerking tussen de ouders niet verbeterd was en dat het in het belang van de kinderen niet wenselijk was om het gezag te wijzigen naar gezamenlijk gezag. De bijzondere curator gaf aan dat de moeder de hoofdverzorging van de kinderen heeft en dat er zorgen zijn over de belastbaarheid van de moeder. De rechtbank heeft vastgesteld dat de kinderen hulp nodig hebben en dat de moeder deze hulp inmiddels heeft ingeschakeld. De vader maakt zich ook zorgen over de kinderen, maar de rechtbank oordeelde dat er een onaanvaardbaar risico bestaat dat de kinderen klem of verloren zullen raken tussen de ouders indien zij gezamenlijk met het gezag worden belast. Het verzoek van de vader is afgewezen, en de rechtbank heeft een informatieregeling vastgesteld waarbij de moeder de vader één keer per maand informeert over belangrijke zaken met betrekking tot de kinderen.