ECLI:NL:RBDHA:2025:26533
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Vernietiging erkenning en gerechtelijke vaststelling vaderschap met DNA-onderzoek bevolen
De rechtbank Den Haag behandelde een verzoek tot vernietiging van de erkenning van het vaderschap door de vader en tot gerechtelijke vaststelling van het vaderschap van een andere man. De minderjarige, vertegenwoordigd door een bijzondere curator, verzocht tevens om alimentatieverplichtingen jegens de moeder.
De rechtbank oordeelde dat de moeder verplicht is tot verzorging en opvoeding, maar dat de minderjarige zelf geen onderhoudsverzoek kan indienen. Daarom werden de alimentatieverzoeken afgewezen. De erkenning door de vader werd vernietigd omdat de minderjarige aannemelijk maakte dat hij niet haar biologische vader is en zij vermoedt dat de man haar biologische vader is.
De rechtbank wees op het belang van een DNA-onderzoek om het vaderschap van de man vast te stellen, ondanks diens ontkenning en weigering tot medewerking. De procedure wordt aangehouden in afwachting van de uitkomst van het DNA-onderzoek, waarbij de kosten voorlopig ten laste van de minderjarige komen, maar met een toevoeging. De rechtbank benadrukte het belang van het vaststellen van de biologische vader voor de minderjarige.
Uitkomst: De erkenning van het vaderschap door de vader wordt vernietigd en een DNA-onderzoek bevolen om het vaderschap van de man vast te stellen; alimentatieverzoeken worden afgewezen.