Uitspraak
Voorlopige voorzieningen
Beschikking op het op 7 november 2025 ingekomen verzoek van:
[de vrouw] ,
[de man] ,
Procedure
- het verzoekschrift;
- de e-mail van 21 november 2025 van de man.
Feiten
- Partijen zijn met elkaar gehuwd op [datum] 2018 in [plaats] .
- De vrouw heeft de Spaanse en Boliviaanse nationaliteit en de man de Nederlandse nationaliteit.
Verzoek en verweer
- te bepalen dat de vrouw bij uitsluiting gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke woning met de daarin bevindende inboedel aan de [adres] te [plaats] , met bevel aan de man die woning te verlaten en hem te verbieden deze verder te betreden;
- te bepalen dat de man aan de vrouw een voorlopige partneralimentatie moet voldoen van € 500,- per maand, telkens bij vooruitbetaling te voldoen, met ingang van de datum van het verzoekschrift;
Beoordeling
€ 2.346,- bruto per maand, te vermeerderen met 8% vakantiegeld. Dit leidt tot een netto besteedbaar inkomen ten behoeve van partneralimentatie van € 1.871,- per maand. Gelet op het forfaitair bedrag voor kosten van levensonderhoud van € 1.310,- en het woonbudget van € 561,- per maand is er geen draagkrachtruimte over. Nu de man geen draagkracht heeft om een voorlopige partneralimentatie te voldoen, zal de rechtbank het verzoek van de vrouw afwijzen.