ECLI:NL:RBDHA:2025:26818

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
12 december 2025
Publicatiedatum
19 januari 2026
Zaaknummer
C/09/695583 / KG ZA 25-1189
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vonnis in kort geding over verlaten houden woning na huiselijk geweld

De vrouw en de man hadden een affectieve relatie en zijn ouders van twee minderjarige kinderen. De man heeft de kinderen erkend en de vrouw heeft het eenhoofdig gezag. Er zijn ernstige zorgen over de fysieke en emotionele veiligheid van de kinderen, waarbij sprake is van huiselijk geweld door de man jegens een van de minderjarigen.

De vrouw heeft de woning verlaten met de kinderen en tijdelijk onderdak gevonden, maar moet daar binnenkort weg. De man heeft de woning eerder al verlaten vanwege een huisverbod. De vrouw vordert dat de man de woning verlaten houdt, alle sleutels afgeeft en zich uitschrijft van het adres.

De man is niet verschenen en verstek is verleend. De voorzieningenrechter oordeelt dat de vordering niet onrechtmatig of ongegrond is en veroordeelt de man om de woning te verlaten, de sleutels af te geven en zich uit te schrijven. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: De man wordt veroordeeld om de woning te verlaten, alle sleutels af te geven en zich uit te schrijven binnen twee dagen.

Uitspraak

Rechtbank den haag

Team handel - voorzieningenrechter
zaak- / rolnummer: C/09/695583 / KG ZA 25-1189
Vonnis in kort geding van 12 december 2025
in de zaak van
[de vrouw]uit [woonplaats] ,
de vrouw,
advocaat mr. G.O. Perquin,
tegen:
[de man]uit [woonplaats] ,
de man,
niet verschenen.

1.De procedure

1.1.
De vrouw heeft de dagvaarding uitgebracht overeenkomstig de aangehechte kopie en heeft ter zitting van 11 december 2025 bij de daarin opgenomen eis volhard. Op de zitting heeft de vrouw een deel van haar eis verminderd, in die zin dat zij nu niet meer vordert dat de man de woning verlaat, maar enkel verlaten houdt. Ook mag de man het schuurtje blijven gebruiken.
1.2.
De man is behoorlijk opgeroepen voor die zitting, maar hij is daar niet verschenen. Tegen de man is verstek verleend.

2.De feiten

2.1.
De vrouw en de man hebben een affectieve relatie gehad. Zij zijn de ouders van de minderjarige [minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2019 in [geboorteplaats 1] . De man heeft [minderjarige 1] erkend. De vrouw is van rechtswege met het eenhoofdig gezag over [minderjarige 1] belast.
2.2.
De vrouw is ook de moeder van de minderjarige [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2009 in [geboorteplaats 2] , [geboorteland] en van de inmiddels meerderjarige [jongmeerderjarige] , geboren op [geboortedatum 3] 2005 in [geboorteplaats 2] , [geboorteland] .
2.3.
De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 18 november 2025 [minderjarige 2] en [minderjarige 1] voorlopig onder toezicht gesteld van Stichting Jeugdbescherming west Haaglanden van 18 november 2025 tot 2 december 2025. Op 25 november 2025 heeft de kinderrechter [minderjarige 2] en [minderjarige 1] voorlopig onder toezicht gesteld van Stichting Jeugdbescherming west Haaglanden, met ingang van 2 december 2025 tot 18 februari 2026.

3.De beoordeling van het geschil

3.1.
De vrouw vordert – na vermindering van eis ter zitting – de man te veroordelen om binnen twee dagen na betekening van het in deze te wijzen vonnis de woning aan het adres [adres] verlaten te houden onder afgifte van alle sleutels en de man te veroordelen om binnen twee dagen na betekening van het in deze te wijzen vonnis zich van het adres [adres] te laten uitschrijven.
3.2.
De vrouw voert aan dat sinds ruim een jaar het Veilig Verder Team betrokken is bij het gezin. Inmiddels is ook Stichting Jeugdbescherming west betrokken, vanwege ernstige zorgen over de fysieke en emotionele veiligheid van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] . Volgens de vrouw was sprake van huiselijk geweld door de man jegens [minderjarige 2] . Op 18 november 2025 heeft de vrouw de gezamenlijke huurwoning verlaten met [minderjarige 2] en [minderjarige 1] . Zij heeft via het Veilig Verder Team tijdelijk ergens anders onderdak gevonden, maar moet daar vanaf 5 december 2025 weer uit. De vrouw kan niet langer met de man onder één dak wonen, maar zij kan ook niet ergens anders wonen. In mei 2025 heeft de man vanwege een huisverbod de woning al eens voor bijna vier weken moeten verlaten. De man kan bij zijn moeder of vrienden wonen of tijdelijk een andere woonruimte huren. De vrouw heeft de zorg over [jongmeerderjarige] , [minderjarige 2] en [minderjarige 1] en daarom belang om in deze woning te blijven. Het huurcontract staat op naam van de man. De man heeft inmiddels aan de advocaat van de vrouw laten weten dat hij de woning heeft verlaten en dat de vrouw de woning mag gebruiken.
3.3.
De vordering komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en wordt daarom – op de wijze zoals hierna vermeld – toegewezen.

4.De beslissing

De voorzieningenrechter:
4.1.
verleent verstek tegen de man;
4.2.
veroordeelt de man om de woning aan het adres [adres] verlaten te houden, alle sleutels aan de vrouw af te geven en zich binnen twee dagen na betekening van dit vonnis zich van het adres [adres] te laten uitschrijven;
4.3.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. C. van Hees en in het openbaar uitgesproken op 12 december 2025.
PvO