Uitspraak
Vervangende toestemming erkenning en omgang
Beschikking op het op 21 oktober 2024 ingekomen verzoek van:
[de man],
[de moeder],
[minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2022 te [geboorteplaats],
Procedure
- het verzoekschrift;
- het F9-formulier van 7 november 2024 van de man, met bijlage;
- het verweerschrift, ingekomen op 16 december 2024;
- het verslag van de bijzondere curator, ingekomen op 9 januari 2025;
- het F9-formulier van 16 januari 2025 van de man;
- het F9-formulier van 21 januari 2025 van de moeder;
- het F9-formulier van 10 februari 2025 van de man;
- het F9-formulier van 26 november 2025 van de man, met brief en bijlagen.
- de man, bijgestaan door zijn advocaat;
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat;
- de bijzondere curator;
- [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad).
Verzoek en verweer
- de man vervangende toestemming te geven om de minderjarige te erkennen dan wel een bijzondere curator te benoemen die de belangen van de minderjarige in dezen kan behartigen;
- een omgangsregeling tussen hem en de minderjarige vast te stellen, in die zin dat hij bij de man verblijft eenmaal per twee weken van vrijdagmiddag tot zondagavond, waarbij de omgang zal worden opgebouwd op een wijze die de rechtbank juist acht, al dan niet in eerste instantie onder begeleiding;
- te bepalen dat de minderjarige bij de man verblijft gedurende de helft van de vakanties en feestdagen, in onderling overleg te bepalen;
Feiten
- De minderjarige is niet erkend.
- De moeder heeft van rechtswege het eenhoofdig gezag over de minderjarige.
- De moeder geeft geen toestemming voor de erkenning door de man.
- De minderjarige verblijft bij de moeder.
- De man heeft de Nederlandse nationaliteit en de moeder en de minderjarige hebben de Spaanse nationaliteit.
- Bij beschikking van deze rechtbank van 19 november 2024 is mr. J.G. Schnoor voornoemd benoemd tot bijzondere curator teneinde de minderjarige ingevolge artikel 1:212 BW Pro te vertegenwoordigen.
- De moeder is ook de moeder van de nu nog minderjarige [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2015 te [geboorteplaats].
- Bij vonnis in kort geding van 21 augustus 2025 heeft de voorzieningenrechter, voor zover hier relevant, de vorderingen van de vrouw om de man een contactverbod en locatieverbod op te leggen, afgewezen.
Beoordeling
- Zijn er contra-indicaties voor omgang tussen [minderjarige 1] en de man?
- Zo nee, welke (opbouwende) omgangsregeling is in het belang van [minderjarige 1]?
- Is er nog verdere hulpverlening of begeleiding nodig voor [minderjarige 1] en/of de ouders?
binnen drie weken na de datum van deze beschikking(derhalve vóór 13 januari 2026) telefonisch een afspraak maken met Verilabs;
uiterlijk op 1 maart 2026, vergezeld van zijn declaratie zal zenden naar de griffie van deze rechtbank, team Familie, team Familie, Postbus 20302, 2500 EH Den Haag;
uiterlijk op 15 maart 2026zullen reageren op het deskundigenonderzoek en zich daarbij ook uitlaten over de voortgang van de procedure;
kosten van het deskundigenonderzoek, de vervangende toestemming tot erkenning en de omgangaan tot
1 april 2026 pro forma.