ECLI:NL:RBDHA:2025:27255
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen voortduren maatregel van bewaring vreemdeling
De minister van Asiel en Migratie heeft op 26 september 2025 aan eiser een maatregel van bewaring opgelegd op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Eiser heeft tegen het voortduren van deze maatregel beroep ingesteld en tevens een verzoek om schadevergoeding gedaan. De rechtbank heeft het onderzoek gesloten zonder zitting.
De rechtbank toetst de rechtmatigheid van het voortduren van de maatregel vanaf 8 oktober 2025 tot 28 november 2025, omdat de maatregel eerder al rechtmatig was bevonden. Eiser stelt dat er geen zicht is op uitzetting omdat een laissez-passer niet binnen redelijke termijn wordt afgegeven. Uit de voortgangsrapportage blijkt dat lp-aanvragen zijn ingediend bij de Britse en Jamaicaanse autoriteiten en dat nader onderzoek naar de identiteit en nationaliteit van eiser plaatsvindt.
De rechtbank concludeert dat er geen concrete aanwijzingen zijn dat het lp-traject zal mislukken en dat het ontbreken van documenten en de complexiteit van de procedure tijd vergt. Ook ambtshalve toetsing van de maatregel, inclusief het beginsel van non-refoulement en het belang van familie- en gezinsleven, leidt niet tot een ander oordeel. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.