De rechtbank Den Haag heeft op 24 december 2025 een beschikking gegeven inzake de vaststelling van de zorgregeling en kinderalimentatie tussen de ouders van drie minderjarige kinderen. De ouders hadden een affectieve relatie gehad en oefenen gezamenlijk gezag uit over de kinderen, die bij de moeder staan ingeschreven. Na eerdere voorlopige afspraken over kinderalimentatie en zorgverdeling, verzocht de moeder om een definitieve vaststelling van de kinderalimentatie en zorgregeling.
Tijdens de mondelinge behandeling op 27 november 2025 zijn onder begeleiding van de rechtbank afspraken gemaakt over een zorgregeling waarbij de kinderen om de week van vrijdag 18:00 uur tot zondag 14:00 uur en iedere dinsdag tot 20:00 uur bij de vader verblijven. Ook is een vakantieschema overeengekomen. De rechtbank heeft rekening gehouden met de wensen van de jongste minderjarige, die nog moet wennen aan overnachtingen bij de vader.
Beide ouders hebben hun bereidheid uitgesproken deel te nemen aan een ouderschapsbemiddelingstraject om de communicatie en samenwerking te verbeteren. De rechtbank heeft de ouders hiertoe verwezen en de beschikking uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Ten aanzien van de kinderalimentatie is overeengekomen dat de vader vanaf 1 december 2025 een bedrag van €460,- per maand zal betalen. De rechtbank heeft deze afspraken bekrachtigd en het meer of anders verzochte afgewezen.