ECLI:NL:RBDHA:2025:27669

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
18 december 2025
Publicatiedatum
27 februari 2026
Zaaknummer
C/09/692420 / FA RK 25-7403
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • G. van Zeben-de Vries
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 815 lid 2 RvArt. 815 lid 6 Rv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Uitspraak echtscheiding met aanhouding nevenvoorzieningen wegens spoedeisend belang

Partijen zijn gehuwd sinds 2016 en hebben een minderjarig kind geboren in 2023. De vrouw heeft een verzoek tot echtscheiding ingediend met de stelling dat het huwelijk duurzaam is ontwricht. De man verzoekt om een spoedige uitspraak van de echtscheiding vanwege de zwangerschap van de vrouw van haar nieuwe partner.

De rechtbank stelt vast dat het verzoek tot echtscheiding een ouderschapsplan moet bevatten volgens artikel 815 lid 2 Rv Pro. De vrouw heeft een concept ouderschapsplan toegezonden, maar de man is hier niet mee akkoord en wil zich nog beraden over zijn rol in de opvoeding. De rechtbank oordeelt dat het redelijk is dat nog geen definitief ouderschapsplan is overgelegd.

Gezien het spoedeisend belang van partijen wordt de echtscheiding bij wijze van uitzondering reeds uitgesproken. De behandeling van de nevenvoorzieningen wordt aangehouden. De beschikking is uitgesproken op 18 december 2025 door rechter G. van Zeben-de Vries.

Uitkomst: De rechtbank spreekt de echtscheiding uit en houdt de behandeling van nevenvoorzieningen aan.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 25-7403
Zaaknummer: C/09/692420
Datum beschikking: 18 december 2025
Scheiding
Beschikkingop het op 2 oktober 2025 ingekomen verzoek van:
[de vrouw],
de vrouw,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. E.M.F. Prickartz te Schiedam.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:
[de man],
de man,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. F.A. Buizer te Den Haag.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift;
- het bericht van mr. E.M.F. Prickartz van 29 oktober 2025;
- het verweerschrift tevens zelfstandig verzoekschrift, ingekomen op 24 november
2025;
- het bericht van mr. E.M.F. Prickartz van 28 november 2025.

2.De beoordeling

2.1.
Partijen zijn met elkaar gehuwd op [datum] 2016 te [plaats] . De vrouw en de man hebben de Nederlandse nationaliteit.
2.2.
Het minderjarige kind van partijen is:
- [de minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2023 te [geboorteplaats] .
Scheiding
2.2.1.
Partijen hebben verzocht de echtscheiding tussen hen uit te spreken. Zij hebben gesteld dat het huwelijk duurzaam is ontwricht.
2.2.2.
De man verzoekt bij tussenbeschikking de echtscheiding alvast uit te spreken en de beslissing op de overige verzoeken aan te houden . De vrouw is zwanger van haar nieuwe partner. De man heeft om die reden belang bij een spoedige echtscheiding.
2.2.3.
Op grond van artikel 815, lid 2 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv), voor zover hier van belang, dient een (inleidend) verzoekschrift tot echtscheiding een ouderschapsplan te bevatten ten aanzien van de minderjarige kinderen van partijen over wie zij al dan niet gezamenlijk het gezag uitoefenen. Nu het ouderschapsplan in de wet is geformuleerd als een processuele eis bij een verzoek tot echtscheiding heeft de rechtbank de bevoegdheid een echtgenoot in het verzoek tot echtscheiding niet-ontvankelijk te verklaren, tenzij er redenen zijn om aan te nemen dat het ouderschapsplan redelijkerwijs niet kan worden overgelegd (artikel 815, lid 6 Rv).
2.2.4.
Door de vrouw is een concept ouderschapsplan overeenkomstig artikel 815, lid 2 Rv aan de advocaat van de man toegezonden. De advocaat van de man heeft laten weten dat de man niet akkoord is met het concept ouderschapsplan en dat de man zich nog wil beraden over zijn rol in de opvoeding en verzorging van de minderjarige. De vrouw heeft voldoende gemotiveerd dat het op dit moment redelijkerwijs nog niet mogelijk is een door hen beiden akkoord bevonden ouderschapsplan over te leggen. Omdat partijen een spoedeisend belang hebben bij het uitspreken van de echtscheiding zal de rechtbank partijen ontvangen in hun verzoek en dit verzoek tot echtscheiding, als op de wet gegrond, bij wijze van uitzondering nu reeds toewijzen.
2.2.5.
De rechtbank zal de procedure met betrekking tot de nevenvoorzieningen aanhouden.

3.De beslissing

De rechtbank:
3.1.
spreekt de echtscheiding uit tussen partijen, gehuwd te [plaats] op
[datum] 2016;
3.2.
houdt de behandeling met betrekking tot de nevenvoorzieningen aan.
Deze beschikking is gegeven door mr. G. van Zeben-de Vries, rechter tevens kinderrechter, bijgestaan door I.M. Smeets als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 18 december 2025.