ECLI:NL:RBDHA:2025:27673
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing aanvraag mvv nareis wegens schending zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel
Eiser, een jongvolwassene van Syrische nationaliteit, diende op 18 oktober 2022 een aanvraag in voor een mvv-nareis. De minister wees deze aanvraag op 10 oktober 2023 af en verklaarde het bezwaar ongegrond op 21 januari 2025. De rechtbank behandelde het beroep op 23 oktober 2025, waarbij diverse betrokkenen en getuigen aanwezig waren.
In een tussenuitspraak van 11 december 2025 concludeerde de rechtbank dat de minister ten onrechte aannam dat de feitelijke gezinsband tussen eiser en het gezin van de referent was verbroken, waardoor eiser niet onder het jongvolwassenenbeleid viel. Dit leidde tot schending van het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel. De minister kreeg de gelegenheid om het besluit te herstellen, maar maakte hier geen gebruik van.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg de minister op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de tussenuitspraak en deze einduitspraak. Vanwege de lange duur van de procedure legde de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €15.000. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd met opdracht tot hernieuwde besluitvorming binnen zes weken.