ECLI:NL:RBDHA:2025:2793
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens overlijden eiseres bij mvv-aanvraag
Eiser diende namens zijn moeder, eiseres, een aanvraag in voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv), welke door de minister werd afgewezen. Tegen dit besluit werd bezwaar gemaakt, dat door de minister ongegrond werd verklaard. Hiertegen werd beroep ingesteld bij de rechtbank.
Tijdens de procedure overleed eiseres, waarna de minister de rechtbank informeerde over het overlijden en vroeg te beoordelen of er nog procesbelang bestond. Omdat een mvv-aanvraag een persoonlijk recht betreft dat niet op erfgenamen overgaat, verviel met het overlijden van eiseres het procesbelang. De zoon, als referent, stelde geen eigen belang in de procedure.
De rechtbank concludeerde daarom dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is en deed uitspraak zonder zitting. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter R.J.A. Schaaf en griffier N.R. Hoogenberk op 11 februari 2025.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang na het overlijden van eiseres.