Eisers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op hun aanvraag van 16 februari 2023 voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis.
De rechtbank heeft het onderzoek gesloten zonder zitting, na instemming van partijen. Eisers kregen vrijstelling van griffierecht. De rechtbank constateerde dat de minister de beslistermijn van 90 dagen, met een verlenging van drie maanden, heeft overschreden en dat eisers de minister rechtsgeldig in gebreke hebben gesteld. Het beroep is daarom gegrond verklaard.
De rechtbank hanteert het fifo-principe bij het bepalen van een nieuwe beslistermijn en acht het mogelijk dat de minister binnen twaalf weken na deze uitspraak alsnog een besluit neemt. De minister wordt veroordeeld tot betaling van een dwangsom van €100 per dag dat de termijn wordt overschreden, met een maximum van €7.500. De reeds verbeurde dwangsom wordt vastgesteld op €1.442.
Daarnaast worden de proceskosten van eisers vastgesteld op €453,50 en wordt de minister opgedragen binnen twaalf weken een besluit te nemen. De uitspraak is openbaar gemaakt en bevat een mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.