ECLI:NL:RBDHA:2025:3126
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing energietoeslag 2023 wegens studiefinanciering bevestigd ondanks motiveringsgebrek
Eiser vroeg op 1 december 2023 een eenmalige energietoeslag aan, welke door het college van burgemeester en wethouders van Den Haag op 8 februari 2024 werd afgewezen omdat eiser studiefinanciering ontving en daarmee niet tot de doelgroep behoorde. Het bezwaar van eiser werd op 2 april 2024 eveneens afgewezen. Eiser voerde aan dat hij vanwege het inkomen van zijn ouders niet in aanmerking kwam voor een aanvullende beurs en daardoor ook niet voor de tegemoetkoming energiekosten van DUO, en dat het onrechtvaardig was dat hij daardoor tussen wal en schip viel.
De rechtbank oordeelde dat het college ten onrechte artikel 15, eerste lid, van de Participatiewet als grondslag had gebruikt voor de afwijzing en vernietigde het besluit voor zover dit artikel werd toegepast. Echter, op grond van artikel 35, vijfde lid, aanhef en onder b, van de Participatiewet is de energietoeslag uitgesloten voor personen die studiefinanciering ontvangen. De rechtbank vond dat eiser onvoldoende bijzondere omstandigheden had aangetoond om hiervan af te wijken.
Daarom liet de rechtbank de rechtsgevolgen van het besluit in stand en verklaarde het beroep gegrond vanwege het motiveringsgebrek. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser. De uitspraak werd gedaan zonder zitting op 28 februari 2025.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard wegens motiveringsgebrek, maar de afwijzing van de energietoeslag blijft in stand omdat eiser studiefinanciering ontvangt.