ECLI:NL:RBDHA:2025:3201
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Verzoeker heeft bij besluit van 7 oktober 2024 een aanvraag voor een verblijfsvergunning EU/EER ingediend, welke niet in behandeling is genomen door de minister van Asiel en Migratie. Verzoeker maakte bezwaar en verzocht om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter beoordeelde het verzoek op grond van de Algemene wet bestuursrecht.
Het griffierecht, dat op grond van artikel 8:82 Awb Pro verschuldigd is, is niet betaald. Ondanks een aangetekende brief waarin verzoeker werd verzocht het griffierecht binnen twee weken te voldoen, is deze brief niet opgehaald en bleef betaling uit. Dit wordt geacht voor rekening en risico van verzoeker te komen.
Daarom verklaart de voorzieningenrechter het verzoek niet-ontvankelijk wegens niet-betaling van het griffierecht en het ontbreken van een verschoonbare reden voor het verzuim. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.